DOOD MOETEN WE allemaal. En aan mijn
leeftijd is het goed om je daar enigszins op voor te bereiden. Daarom heb ik hier mijn eigen overlijden al beschreven. Meer
zelfs, ik heb er ook al een passend treurlied bij bedacht. Iemand heeft er muziek op gezet: hier↗︎.
Wie daar
niet mee had kunnen lachen is Hugues Viane, hoofdfiguur uit Bruges la Morte, boek dat ik nu aan ’t lezen ben.(°) Heel dat werk door treurt Viane om het verlies van
zijn geliefde: ‘De godsdienst verbood hem
de hand aan zichzelf te slaan. Wanneer hij zelfmoord pleegde zou hij niet in
Gods Rijk worden toegelaten en iedere mogelijkheid verliezen haar weer te zien.'
Of Georges
Rodenbach, auteur van dat boek, zelf in Gods Rijk geloofde weet ik niet. Maar
dat hij van plan was te verrijzen is een feit. Daarvan getuigt zijn graf dat een groot I’ll be back-gehalte heeft. Op het monument is duidelijk te zien dat zijn snorretje dan nog altijd mooi in de plooi zal liggen. Zijn boodschap aan degenen die in de opstanding geloven is duidelijk: als ge per se terug wilt komen, zorg er dan tenminste voor dat uw haar gekamd is!
(°) Georges Rodenbach. Brugge-de-dode. Uit het Frans
vertaald door Marjolijn Jacobs en Jolijn Tevel. 122 p. 1978. Uitg. Van Kampen &
Zoon, A’dam — Standaard
Uitgeverij, A’pen.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten