Gisteren postte ik Waaruit achteraf blijkt…⇲, een prozagedicht. Ik experimenteer er nog even mee. Knip ik het stukje doormidden, krijg ik twee handpalmverhalen die volledig op zichzelf staan, evengoed prozagedichten, van telkens honderd woorden, twee drabbles⇲, exact even lang. Alhoewel ik er geen twee woorden aan verander, herinneren ze in niets aan het prozagedicht waaruit ze voortkomen. Dit is het eerste. |
Zen — EEN KLOP OP de deur. ‘Ga weg,’ roep ik.’ Toch komt ze binnen. Ze zegt: ‘Ik kom u verrassen.’ Ik zeg: ‘Kust mijn kloten, ik heb geen tijd.’ De vrouw zegt: ‘Kijk, hier,’ en ze haalt een zaag uit haar tas. Ik vraag verschrikt: ‘Wat gaat ge daarmee aanvangen?’ Ze antwoordt: ‘Het zal u verblijden.’ Ik zeg: ‘Verrekt!’ Ze wuift mijn Verrekt weg en zegt: ‘Het is een zingende zaag.’ Ze heeft ook een strijkstok mee en strijkt ermee langs de geplooide zaag. Mijn woning vult zich met zagende zang van een zacht zingende zaag en ik word zowaar zen.
Zen is een drabble, een tekst van exact honderd woorden. In 2019 verzamelde ik 99 dergelijke drabbles, honderd woorden-verhalen, in een boek en Delphine Lecompte schonk me een voorwoord. De bundel is een e-boek en dus onbegrensd beschikbaar. De e-boeken (dit boek alleen in pdf) van De Lachende Visch zijn gratis. Mail erom (en vermeld 99): liefkemores@telenet.be⇲.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten