woensdag 16 september 2026

Ondergronds gaan met Rob Tas

Rob TasMarijke Van Hulle en Flor Vandekerckhove. Op de achtergrond: catacomben van Rome


‘OF HET IETS is waarover jij hebt nagedacht, denk ik niet, maar weet dat de Catacomben van Rome géén geheime schuiloorden van christenen waren. Het waren begraafplaatsen.’  ‘t Zijn zinnen die Rob Tas — nummer 10 op de klasfoto van 1966 —  uitspreekt, terwijl hij bij mij thuis aan tafel zit. Ik vraag Marijke en Rob of ik hen met koffie kan plezieren. Waarop Tas antwoordt: ‘Sommige muren van die catacomben tonen afbeeldingen, aangebracht ter nagedachtenis van christenen die daar begraven liggen.’ 
Rob Tas, die u via deze blog al kent als een geleerde, geëngageerde christenmens, zegt zo’n dingen omdat hij daar een indruk-wekkende studie aan gewijd heeft. (°) Met hem betreden we onderaardse ruimten waar de eerste christenen met bescheiden p
enseelstreken tekens achterlieten. Wat hem in die catacomben meteen opvalt is dat Christus er als een jonge herder wordt afgebeeld, jong en vitaal. Wat een verschil met wat er later van gemaakt wordt, een majestueuze heerser. Hij haalt expliciet het beroemde Lam Gods van de gebroeders Van Eyck aan, waarop Christus prominent als heerser te zien valt. Zegt Tas in zijn studie: ‘Dit hoeft niet verkeerd te zijn, maar we moeten ons wel de vraag stellen hoe God zich in de Schriften ‘voorstelde’ en/of ‘openbaarde’. 
Hij gaat er diep op in, zo diep dat de lezer beseft dat Tas iets achter de hand houdt, dat kan niet anders. Juist de afwezigheid van machtsvertoon maakt de beelden in de catacomben bruikbaar voor wat hij te zeggen heeft. Heeft hij een boodschap voor die kerk waartoe hij behoort? De kerk kan er, meent hij, vandaag iets van leren: ‘Voor de hedendaagse kerk (…) vormen de catacomben daarom geen afgesloten verleden, maar een uitnodiging. Ze leren dat zichtbaarheid niet hoeft samen te vallen met macht. (…) Ze nodigen uit om ruimte te scheppen in plaats van ruimte in te nemen; om te verwijzen in plaats van te beheersen; om te getuigen zonder zichzelf tot norm te verheffen.’ Of de schrijver er iets mee bereikt, weet ik niet, maar 't is wel mooi geformuleerd.
Zo wordt het weer eens tijd om op te stappen. Samen heffen we ten afscheid nog ‘Sans la nommer’ aan, een lied van Georges Moustaki. Wanneer Rob en Marijke de deur uit zijn, vraag ik me af hoe het komt dat ik die twee zo graag zie.
Flor Vandekerckhove

(°) Rob Tas. Een verkenning van de Joods-christelijke beeldtaal in de catacomben van Rome. 262 p. Meer info roberttas@hotmail.com.

Geen opmerkingen: