maandag 6 juni 2016

Op z’n Oostends

— 28 mei 2015. Ines Defurne treedt op tijdens Tussen haven en storm, in De Grote Post Oostende. (eigen foto) —

Er is een tijd geweest waarin we dachten dat de zee onuitputtelijk was. Inmiddels weten we beter, want de zee heeft ons haar grenzen leren kennen. De tijd waarin het vismijngebouw vol bennen stond is voorbij en die tijd komt nooit meer weer. Toch wil ik de woorden onuitputtelijk en zee nog eens koppelen, zij het alleenlijk in figuurlijke zin.
De zee is een onuitputtelijke bron van inspiratie. Dat heb ik onlangs geleerd toen ik in het cultureel centrum De Grote Post mocht deelnemen aan de opvoeringen van Tussen Haven & Storm. Over dat gebeuren schreef ik hier eerder al een stukje.
Terwijl ik in de coulissen mijn beurt zat af te wachten, viel het mij op dat de zee nog altijd in alle toonaarden bezongen wordt en niet alleen door de usual suspects.
Wat nu volgt, vraagt enige voorkennis die veel van mijn lezers helaas ontberen, want mijn blog wordt ook gelezen op plaatsen alwaar ze zich bij onderstaande nauwelijks iets kunnen voorstellen.
De Oostendse volkszangeres Lucy Loes mocht zich de erfgename van de legendarische Lucy Monty noemen. Ik heb lang gedacht dat het na die twee Lucy’s wel afgelopen zou zijn met het visserslied. Maar nu ik in De Grote Post Ines Defurne aan ’t werk gezien heb, denk ik daar alweer anders over. De manier waarop zij daar het vissersrepertoire vertolkt heeft, kan alleen maar meesterlijk genoemd worden.
— De buste van volkszangeres Lucy Loes op de
Visserskaai in Oostende (Roys foto.) —
Ik zou zelfs zeggen dat Ines beter is dan haar voorgangers, ware het niet dat ik vrees dat de volkswoede als een wervelwind over mij neer zou dalen. Maar wie haar optreden aldaar gezien heeft, weet waarom ik dat wel had mogen doen.
En voor degenen die er niet bij waren, zeg ik dit. Stel je een zangeres voor die in staat is om het repertoire van de grote Janis Joplin te vertolken, en die dat overigens ook gedaan heeft. Stel je een zangeres voor die in staat is het Conterdamse geweld van Revenge 88 te overtroeven, en die dat overigens ook regelmatig doet; stel je een zangeres voor die met de rockgroep Monopole een eigen sound creëert, wat ze effectief doet, en stel je vervolgens voor dat die zangeres met het vissersrepertoire van beide Lucy’s aan de haal gaat. Bingo!
Rest een vraag. Is het wel verantwoord dat je zo’n talent in de richting van het visserslied pousseert? Laat me toe om met een andere vraag te antwoorden: hoeveel zangeressen ken jij die, zoals Lucy Loes, een standbeeld gekregen hebben? Eeuwige roem loert om de hoek!
Flor Vandekerckhove
Een reactie posten