zondag 8 april 2018

Hyacint en Boterbloempje

Ik denk dat ze daar allemaal naar een bloem genoemd werden, en een ervan heette Hyacint. Ze had een iets jonger zusje dat Boterbloempje heette. Hyacint was groot, Boterbloempje klein, Hyacint was nors, Boterbloempje vrolijk.
In de kleuterklas zaten we alle drie in hetzelfde lokaal en met Boterbloempje deelde ik een bank. Dat ging goed, tot Hyacint me kwam zeggen dat ik me niet met Boterbloempje mocht moeien. Ik zei niets en dacht: misschien is dat iets wat oudere zussen doen. Ik moest nog alles leren.
In de lente zaten we met een groepje aan de graskant en mijn nicht had me juist uitgelegd wat kankerblommen waren. Ik vertelde het weetje door aan Boterbloempje, waarop Hyacint heel kwaad werd en zei dat ik haar zus met rust moest laten. Dat vond ik niet fijn. Die graskant lag immers dichter bij mijn huis dan bij ’t hare, waardoor ik meer recht van spreken had dan zij.
Later, ik zat al in de lagere school, ging ik naar de rolschaatsers kijken. Ik zat rustig op het muurtje van ‘t gewemel te genieten, toen Hyacint al schaatsend naar me toekwam om me toe te bijten dat ik daar niet thuishoorde, dat ik maar elders dingen moest gaan uitrichten. Dingen uitrichten? Dat begreep ik niet en ik wilde om uitleg vragen, maar dat kon niet, want ze was alweer aan ’t schaatsen. Nu en dan keek ze om, alsof ze wilde controleren of ik dingen aan ’t uitrichten was. Ik deed een tijdje alsof ik het niet zag en daarna fietste ik weg, traag als om te tonen dat het helemaal uit eigen wil was. Boterbloempje wuifde me stiekem na.
Hier dien ik aan toe te voegen dat al wat ik hierboven schrijf echt gebeurd is, behalve de voorgaande zin. Die heb ik daar gezet omdat ik vond dat het een mooi slot zou zijn: Boterbloempje wuifde me stiekem na. In werkelijkheid wuifde niemand me na, ik stond er alleen voor. Ik fietste naar huis en oefende daar mijn tafel van zeven in; die was de moeilijkste, maar er zat wel een logica in, wat van Hyacint niet gezegd kon worden.

Flor Vandekerckhove
Een reactie posten