Henri Pype (de grijsharige, rechtopstaande man, achteraan in deze merkwaardige autobus) trok op latere leeftijd nog naar Lourdes. Hij kwam er doodziek van terug. |
De brochure van Verwaerde is indrukwekkend, ook omwille van de vele foto’s en het uitgebreide notenapparaat. Het meeste wat hij over Pypes werk in de visserij vertelt, mag dank zij andere volkskundigen al bekend zijn, dat geldt veel minder voor het onderzoek dat Verwaerde voert met betrekking tot Pypes voorafgaande activiteiten: ‘(…) — zelden valt het licht op Henri Pypes vroege jaren. Die vormende periode blijft onbelicht (…) Wie Pype wil begrijpen, moet terugkeren naar die beginjaren — niet als randnotitie, maar als fundament. Naar het Klein Seminarie in Roeselare en het Groot Seminarie in Brugge (…) Naar Veurne, waar hij als jonge seminarist en diaken kort les gaf. En vooral naar Nieuwpoort (…) niet enkel in het onderwijs aan het Sint-Bernarduscollege, maar ook in het dagelijkse en maatschappelijke leven van de stad.’ Koenraad Verwaerde belicht deze voorafgaande perioden inderdaad voorbeeldig.
De auteur besteedt ook aandacht aan het klerikalisme, fenomeen dat paster Pype in zijn dadendrang leidt en hij bespreekt de historische wendingen die het uitzicht van dat klerikalisme mee bepalen: katholiek corporatisme, ultramontanisme, Rerum Novarum…, ingrepen en nuanceringen die alle tot doel hebben andere gezindheden te weren, ook uit de vissersgemeenschap. Iets wat in de visserij overigens voelbaar blijft tot lang na het overlijden van Pype, zoals ik het me herinner in De politieke perssprokkels van Dirk Demaeght, Open brief aan de visserijsector en Zwarter dan ooit.
Flor Vandekerckhove⇲
(°) Koenraad Verwaerde. ‘Menère Herrie. Een rots in de branding. 1926-2026. Een eeuw later nog altijd vol betekenis.’ 26 p. Uitgave in eigen beheer, 2026. Meer weten? koenraad.verwaerde@telenet.be.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten