zaterdag 14 september 2019

Wandelen tijdens de hittegolf


Omdat ik moet plassen ga ik een eind van het pad af. Ik begeef me in het struikgewas, mijn voeten hoog optillend om niet in de begroeiing verstrikt te geraken. Daar valt me opeens een hand op die uit het kreupelhout omhoog steekt. En een naakt stukje arm. Een vrouwenhand!
Je denkt niet: daar ligt een persoon in nood onder de struiken. Neen, je denkt: dat het juist mij weer moet overkomen. En in mijn geval denk je ook: het wordt een prachtige dag, maar ik zou toch eens willen weten wat een debaser is. Anders gezegd: hoe kan ik hier een wreed surrealistisch verhaal van maken?
Terwijl ik daar in ’t heetst van de hittegolf de ene egoïstische gedachte na de andere sta te bedenken, en terwijl het zweet als stromend water van me af loopt, zo erg zelfs dat ik niet eens meer moet pissen, zie ik opeens dat er beweging in de hand komt. De wijsvinger beweegt. Godver, de hand wenkt me. Ik begin nog meer te zweten. En je weet hoe ’t gaat: als je zoveel zweet, nemen de wetten van de jungle het helemaal over. Kordaat ga ik op de hand af en stamp er keihard op met mijn zware wandelschoenen. Nog beweegt de hand, zij toont me nu haar middenvinger, als om de spot met me te drijven. Ik stamp en stamp en hou niet op met stampen voor de hand in een kwart kilo gehakt veranderd is.
Waarna ik mijn wandeling voortzet. Heb ik al gezegd dat het toen vreselijk warm was? De derde hittegolf van de zomer. En zweten! Nooit eerder meegemaakt.
Flor Vandekerckhove

Geen opmerkingen: