woensdag 26 augustus 2026

Een gespreksonderwerp

Links: vroeger. Rechts: nu.

VOOR MIJN DEUR komt een wooncomplex dat de dierenweide vervangt die er tot voor kort was. Wat er komt is niet alleen een flatgebouw, ’t is ook een gespreksonderwerp. Gisteren ging ik voor het eerst de werken bekijken. Komt een verre buur bij me staan die zegt: ‘’t Is kapitalisme hé.’ Meteen denk ik aan Leen Jongewaard met zijn meezinger uit 1967. (°) ‘De dierenwei was leuker hé’, zegt hij nog. Ja, denk ik, vooral omdat we er zelf niet moesten voor zorgen. Wijzend op al de indrukwekkende machines, zeg ik: ‘Ik begrijp niet hoe ze daar nog winst uit kunnen halen. Hoeveel kost zo'n machine niet?’ Volgens de buur valt dat nochtans gemakkelijk te begrijpen: ‘De verkoop van die appartementen gaat zo goed dat de prijzen intussen al gestegen zijn.’ Dat vind ik kras. Hij weet nog meer: twee op drie van die appartementen gaan naar tweedeverblijvers en wat hij ook weet is dat de gemeente er een flink pak belastinggeld aan overhoudt. Op den duur is het gespreksonderwerp uitgeput. Voortstappend hoor ik hem nog De Schuld Van Het Kapitaal fluiten. Kent hij net als ik dat oude liedje? Is 't weer iets wat zich alleen in mijn hoofd afspeelt? Ik trek de voordeur achter me dicht en realiseer me dat ik nog eten in huis moet halen.
Flor Vandekerckhove⇲

(°) Het lied De Schuld Van Het Kapitaal dateert van december 1967. Het werd gezongen door Leen Jongewaard (°1927 - 1996†). Tekst is van dichter-schrijver Michel van der Plas (°1927 - 2013†). Het lied vertelt het ironische verhaal van een jonge tuinknecht die verleid wordt door een rijke vrouw, waarna hij telkens verzucht dat het allemaal de schuld van ’t kapitaal is. Bekende regel: ‘Mensen, noem elkaar geen mietje / Eenmaal zing je allemaal / Allemaal het ouwe liedje: / 't Is de schuld van 't kapitaal.’

1 opmerking:

Laurentius vanacker. zei

De tijd staat niet stil , of nog beter wij worden oud .Het was ooit een rustig gevoel om de vuurtoren in mijn slaapkamer te hebben . Lange Nelle waakte over zee en land . Nu zie ik niets meer. Hoge wolkenkrabbers staan in de weg . De lichten zijn afgezwakt want die tweede verblijvers konden niet goed slapen in hun torens .Alles moet wijken voor das kapitaal .Ik ken jou uitzicht , met de vele dieren het was vredig om te kijken toen ik bij de kapper zat .Het laatste groen moet nu weg voor bedonville .En dan pleit de gemeente voor meer bomen en groen .Ik denk aan wijlen Louis Neefs en zoon met zijn lied : "Laat ons een bloem................."