| In 1993, toen ik nog vrij van rimpels was, schreef en tekende ik Het Geheim van Geewee, een stripverhaal. |
Die twee zijn voor mij niet onbelangrijk geweest. De Raider hielp me in 1988 Het Visserijblad weer op te starten, Meneer Delanghe liet me in dat jaar Yvon Kermarrec kennen, met wie ik Vivaldi maakte. Beiden zijn daardoor mee bepalend geweest voor mijn ontluikend schrijverschap. Ik mag hen bijgevolg wel dankbaar zijn, die twee, maar dat ben ik niet. Dat komt doordat ik geen talent voor vriendschap heb. Ik zie hen zelfs nooit meer en dat komt door een vervaarlijk woekerend gebrek aan sociabiliteit waar ik in toenemende mate mee te kampen heb. Wel volg ik vanop afstand hun strapatsen.
Beiden verrasten me niet weinig toen ze, de zeventig al voorbij, een splinternieuwe onderneming opstartten. Voor De Raider was dat in de horeca, Meneer Delanghe deed het in de kunsten. Als zeventigplussers ja. Ge voelt aan uw water dat hier iets niet klopt. Doordat ze na schoolbanken & kerkstoelen hier gebleven zijn, denken ze verkeerdelijk dat Oostende een kleine metropool is, waar hun project kans op slagen heeft. Dat is uiteraard een denkfout: Oostende is zelfs geen stad, ’t is een halve stad, dat weet iedereen, de andere helft is water. Slagen hoort niet bij Oostende, voor niets of niemand. Iedereen zegt het, kijk maar naar Facebook.
Voor zover ik dat kan zien is Meneer Delanghe er in de kunsten trouwens alweer mee opgehouden. De Raider daarentegen doet in zijn boite naarstig voort. Dat komt, zei Wolf me onlangs, doordat hij daar een jongensdroom mee realiseert. In de tijd van schoolbanken & kerkstoelen droomde hij al van het uitbaten van een klein pensionnetje, ergens, soortement Villla des Roses. Zo valt het uiteindelijk toch nog te begrijpen, vind ik.
Flor Vandekerckhove⇲
Flor Vandekerckhove⇲
Nadat het leven me van stad naar stad had gebracht, van werk naar werk en van vrouw naar vrouw, streek ik in Bredene neer, waar ik ook mijn jeugd had doorgebracht. Daar startte ik een schrijfproject dat onderzocht hoe het anderen vergaan was. Ik delfde sporen van schoolmakkers op, jongens waarmee ik tijdens m’n tienerjaren de schoolbanken in een Oostends college deelde.Had het iets te betekenen, het leven van die babyboomers in de sixties? Ik schreef er een boekje over, Tienerklanken, zo genoemd naar een TV-programma dat in die tijd voor ons gemaakt werd.Tienerklanken is een e-boek (117 pagina’s in pdf of epub naar keuze), uitgegeven door De Lachende Visch en gratis verspreid door De Weggeefwinkel. Vraag ernaar via liefkemores@telenet.be en het boekje valt vandaag nog in je mailbox. GRATIS! (Vermeld: ‘Tienerklanken’ en zeg epub of pdf.)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten