6 augustus 2026 — WE ZIJN ER al eens in een boog omheen gereden, maar nu houden we er halt. In Lisieux gaan we de confrontatie aan met Theresia van Lisieux die daar inderdaad overvloedig present tekent. We passeren een versleten bisschoppelijk paleis, bezoeken een oude kathedraal en een nieuwe basiliek. Theresia alom.
Pastoor neemt achter glas de biecht af en gaat daarna iets eten, vrouw gaat in extase en vervolgt daarna haar weg, kaars flikkert hevig en dooft plots uit terwijl ik erop sta te kijken ('t was wat men een opflakkering noemt), zijaltaren, zijaltaren, zijaltaren en elk zijaltaar heeft zijn verhaal, in de nok een duif die denkt dat hij een heilige geest is, Tania koopt magneetjes om aan de frigo te hangen, foto’s van Theresia, woorden van Theresia, niet alleen Theresia is heilig, ook haar ouders zijn het, ik denk na over wat het is een schapulier te zijn, in een doorzichtige bokaal laten schijnbaar normale mensen gebedjes vallen die ze op daarvoor beschikbaar papiertjes schrijven…
Ik vind helaas niet wat ik zoek. Daar kan Theresia niets aan doen, het is mijn fout. Had ik me beter voorbereid dan was ik meteen naar het plaatselijke carmelietenklooster getrokken, want, lees ik hier: ‘Talloze relikwieën van de heilige die op wonderbaarlijke wijze geweerkogels tegenhielden als echte schilden en zo het leven redden van de soldaten die ze droegen, bevinden zich in haar klooster van Lisieux.’ In het kloostermemoriaal had ik wellicht wel zo’n gedeukt medaillon kunnen bekijken, onmiskenbaar bewijs dat er een kogel op is afgeketst.
Zo’n gedeukt medaillon is inderdaad wat ik per se wil zien, ik weet niet waarom. Op ’t internet zoek ik achteraf nog even tussen de diverse ex-voto’s. Er zijn helmen, kogels, granaatscherven, epauletten en onderscheidingen (zoals het Croix de Guerre) die soldaten naar de nonnen gestuurd hebben. Geen medaillon. Ik surf verder naar het kloosterarchief en vind deze brief van een korporaal die in mei 1917 schrijft: ‘Een revolverkogel doorboorde mijn jas, mijn notitieboekje, mijn portemonnee en zelfs mijn vest, precies boven mijn hart. Maar de kogel kaatste af zonder mijn shirt te raken dankzij het kleine medaillon van zuster Thérèse, dat daar als schild diende. Het was 's ochtends, bij daglicht, dat ik het opmerkte, en op dat moment boog ik diep voor mijn lieve Thérèse. (…)’
Flor Vandekerckhove⇲
Je weet dat ik graag een genre uittest, een vorm onderzoek: drabble, rijmloos kwatrijn, verhalen van nauwelijks een alinea lang, oneliners, mini-assay… Zo experimenteer ik ook met proza in versvorm, provovers, het omgekeerde als ’t ware van een prozagedicht. Zo’n experiment met provovers is Het huis, allegorisch, roman, extreem kort, gothic. De Lachende Visch publiceerde de provovers-versie in 2021 en sindsdien staat het boek in de etalage van De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Mail naar liefkemores@telenet.be. Schrijf HET HUIS en zeg of je EPUB dan wel PDF wenst.
Pastoor neemt achter glas de biecht af en gaat daarna iets eten, vrouw gaat in extase en vervolgt daarna haar weg, kaars flikkert hevig en dooft plots uit terwijl ik erop sta te kijken ('t was wat men een opflakkering noemt), zijaltaren, zijaltaren, zijaltaren en elk zijaltaar heeft zijn verhaal, in de nok een duif die denkt dat hij een heilige geest is, Tania koopt magneetjes om aan de frigo te hangen, foto’s van Theresia, woorden van Theresia, niet alleen Theresia is heilig, ook haar ouders zijn het, ik denk na over wat het is een schapulier te zijn, in een doorzichtige bokaal laten schijnbaar normale mensen gebedjes vallen die ze op daarvoor beschikbaar papiertjes schrijven…
Ik vind helaas niet wat ik zoek. Daar kan Theresia niets aan doen, het is mijn fout. Had ik me beter voorbereid dan was ik meteen naar het plaatselijke carmelietenklooster getrokken, want, lees ik hier: ‘Talloze relikwieën van de heilige die op wonderbaarlijke wijze geweerkogels tegenhielden als echte schilden en zo het leven redden van de soldaten die ze droegen, bevinden zich in haar klooster van Lisieux.’ In het kloostermemoriaal had ik wellicht wel zo’n gedeukt medaillon kunnen bekijken, onmiskenbaar bewijs dat er een kogel op is afgeketst.
Zo’n gedeukt medaillon is inderdaad wat ik per se wil zien, ik weet niet waarom. Op ’t internet zoek ik achteraf nog even tussen de diverse ex-voto’s. Er zijn helmen, kogels, granaatscherven, epauletten en onderscheidingen (zoals het Croix de Guerre) die soldaten naar de nonnen gestuurd hebben. Geen medaillon. Ik surf verder naar het kloosterarchief en vind deze brief van een korporaal die in mei 1917 schrijft: ‘Een revolverkogel doorboorde mijn jas, mijn notitieboekje, mijn portemonnee en zelfs mijn vest, precies boven mijn hart. Maar de kogel kaatste af zonder mijn shirt te raken dankzij het kleine medaillon van zuster Thérèse, dat daar als schild diende. Het was 's ochtends, bij daglicht, dat ik het opmerkte, en op dat moment boog ik diep voor mijn lieve Thérèse. (…)’
Flor Vandekerckhove⇲
Je weet dat ik graag een genre uittest, een vorm onderzoek: drabble, rijmloos kwatrijn, verhalen van nauwelijks een alinea lang, oneliners, mini-assay… Zo experimenteer ik ook met proza in versvorm, provovers, het omgekeerde als ’t ware van een prozagedicht. Zo’n experiment met provovers is Het huis, allegorisch, roman, extreem kort, gothic. De Lachende Visch publiceerde de provovers-versie in 2021 en sindsdien staat het boek in de etalage van De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Mail naar liefkemores@telenet.be. Schrijf HET HUIS en zeg of je EPUB dan wel PDF wenst.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten