IN MIJN HOOFD heb ik een stamcafé dat Petit Bistrot heet. In mijn hoofd heet de waardin Françoise, Carine, Eddy Tange of Lily The Pink, naargelang. Ik ken haar al van in mijn tienerjaren. We hebben de stormen van het leven goed doorstaan, de waardin en ik, en nu zijn we oud. In mijn hoofd leest ze achter de toog alleen nog geschriften van Guy Debord die ze, naar eigen zeggen, persoonlijk gekend heeft en van wie ze oorspronkelijke kladjes bewaart, iets wat alleen vaste klanten weten, als ik. De Petit Bistrot is in mijn hoofd ook een coffeeshop. Dagelijks ga ik er een joint smoren, een slaapmutsje. In mijn hoofd staat in de Petit Bistrot een kolenkacheltje waaraan ik ’s winters mijn voeten warmen kan. Via een indrukwekkend buizenstelsel verwarmt het kacheltje heel het café, wat ik als kind al in ’t café van Alida heb gezien. Soms heet de waardin ook Alida. In mijn hoofd wint Jean-Luc Mélenchon in Frankrijk de komende presidentsverkiezingen, want ‘t is tijd voor deze richting, in mijn hoofd. Er is ook plaats voor eender welke stroof. Er is rust om alles t’ overschouwen, ’t is prettig toeven in m'n hoofd. In mijn hoofd is alles ferm versleten, de plankenvloer, de bezem in de hoek, de wekker op het rek, de zwarte kat die alles bekijkt, de kast met zekeringen links, de draperieën rechts, de toog, de waardin, ik en ook de stoof. In mijn hoofd is alles gekleurd in sepia tinten, zoals dat hoort in iemands oude hoofd. Zolang ik daar iets kan ontwaren, blijf ik dwalen in m'n hoofd. In mijn hoofd toef ik nu al in Frankrijk, waar ik straks voor enige tijd naartoe trek, Tania om te wandelen, ik om te kijken wat er nu weer te beleven valt in mijn hoofd.
Flor Vandekerckhove⇲
Flor Vandekerckhove⇲
(°) Met dank aan Raymond van het Groenewoud aan wie ik enkele lijnen uit zijn ‘In mijn hoofd’ heb ontleend. Langs deze weg wijs ik mijn lezers er ook op dat De Weggeefwinkel van uitgeverij De Lachende Visch voor enkele dagen gesloten blijft, wegens jaarlijkse vakantie.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten