donderdag 17 oktober 2019

De kwestie van de blauwe Cadillac

Last Ride Hank Williams 4 maakt deel uit van een collectie tekeningen die Jo Clauwaert momenteel in de Verenigde Staten tentoonstelt, meer bepaald in de Yard Dog Gallery in Austin. De tekening, die verwijst naar het tragische leven van singer-songwriter Hank Williams, inspireert me wel. De vogel, die in Clauwaerts tekening zo’n prominente plaats inneemt, wordt door Williams bezongen in diens tearjerker ‘I'm so lonesome I could cry’: Hear that lonesome whippoorwill / He sounds too blue to fly, / The midnight train is whining low / I'm so lonesome I could cry… Clauwaerts tekening levert nu ook een gedicht op: De kwestie van de blauwe Cadillac. De vernissage van Clauwaerts werk gaat in de Verenigde Staten door op 17 oktober. Op diezelfde dag maak ik het gedicht wereldkundig, maar dan hier aan de Noordzee. Is dat niet schoon?!    

De kwestie van de blauwe Cadillac

De Sheriff had de peuk in ‘t gras gekeild en er daarna,
Met de top van zijn laars, het vuur uitgeduwd.
Zelf had ik uit de zadeltas het schrijfgerief genomen
Om nauwlettend te noteren wat hij me dicteren zou.

Dit is geen auto, zei hij vreemd genoeg meteen,
En ik schreef letterlijk die woorden op,
Dit is overduidelijk iemands woonst, zei hij,
Wijzend naar het wrak van de blauwe Cadilllac.

Hij trok zijn neus op, snoof en zei: ik ruik etensresten,
Erwtensoep, bloemkool, patatjes, varkensgebraad,
In sneetjes, voegde hij eraan toe,
Het soort eten dat men thuis maakt.

De Sheriff is een echtgenoot, een specialist in
Zo’n geuren, en hij zei nogmaals: dit is iemands onderdak.
Schrijf daar maar bij, zei hij, in kapitalen:
Ik ruik alom de geur van alcohol.

In ’t schoon Amerikaans dicteerde hij vervolgens al
Wat hij van buiten door het raampje binnen zag,
Al wat van belang kon zijn voor ’t onderzoek, door mij
Genoemd: de kwestie van de blauwe Cadillac.

Bloemetjesbehang, eenvoudig meubilair,
’t Is allemaal heel ouderwets, zei hij,
Een autoradio zonder FM, je moet niet vragen
Over welke langverleden tijd dit gaat.

Omdat het portier vanbinnen af gesloten was,
Sloeg De sheriff, met het handvat van zijn colt,
Het raampje stuk, dat in scherven brak, en wild fladderde
Hij het zwerk in, de gezant des doods, Kill Bill The Whippoorwill.

De Sheriff en ik keken lange tijd de vogel na, tot die
Godbetert de trein nam, die daar juist voorbijkwam, en
Pas daarna ontwaarden we op de achterbank de cowboyhoed
Waaronder een mens genaamd Hank Williams lag.

Een restje stroom van de al lang leeggelopen autobatterij
Lichtte het schermpje van de radio op en we luisterden stilzwijgend,
De Sheriff en ik, naar de echo van een song die, zo noteerde ik meteen,
Als volgt van start ging: Koetje boe koetje boe koetje boe boe boe.

Flor Vandekerckhove


De kwestie van de blauwe Cadillac valt ook te beluisteren op podcast. Het betreft een variante. Daar wordt ‘De Sheriff’ vervangen door ‘Jo Clauwaert’. Mocht u zich afvragen waarom ik twee varianten maak, weet dan dat ik de schepper van dit gedicht ben en daar zoveel varianten van maak als ik maar wil. Er is ook een minder pretentieuze uitleg: de figuur van De Sheriff is wel degelijk door Clauwaert geïnspireerd, de kunstenaar die de tekening Last Ride Hank Williams 4 maakt. Wie de podcastversie van het gedicht wil beluisteren, met muziek van Dimer Geedts, klikt hier!

Geen opmerkingen: