vrijdag 6 november 2026

Waarom ik zo graag de kusten doe

Op Seurats schilderij uit de XIXde eeuw herken ik de plek waar ik me twee eeuwen later bevind.

TANIA HEEFT IN Frankrijk vijf verschillende grote routepaden die ze bewandelt. Met de wagen zet ik haar af waar ze die dag start, ik haal haar op waar ze er de brui aan geeft. Intussen zoek ik een plek om (over) te schrijven. Soms loopt zo’n routepad in verre binnenlanden over berg & dal. Soms is dat echt van nowhere naar nowhere. Da’s prettig voor de wandelaar, maar een karwei voor de schrijver. Ik kan je wel zeggen dat het niet altijd gemakkelijk is om over nowhere een reisverhaal af te leveren. ’t Liefst heb ik daarom de kusten. Daar is altijd wel een schrijver geweest die er de pen heeft opgenomen of een beroemde toerist die in zee gesukkeld is. Daar kan ik dan iets over vertellen. Of er is een beroemde schilder gepasseerd, zoals Georges Seurat in Port-en-Bessin-Huppain waar ik nu ben. Seurat deed dat wel meer, in kustdorpen schilderen, zo ook in Le Crotoy, waar ik de auto in 2023 parkeerde. Voor mij is het een prettig weerzien. Ik heb trouwens nóg iets over hem staan, iets waarin ik diens beroemde Dimanche d’été à la Grande Jatte vergelijk met een soortgelijk werk van Paul Signac, die andere grondlegger van het neo-impressionnisme.
Wat wil je dat ik nog zeg? Ik neem een selfie op de pier en kan op een schilderij van Seurat exact de plek aanduiden waar ik nu sta. Achter mijn rug rijst het gebergte waarop Seurat die dag zijn ezel heeft geplant. Wanneer ik die pier weer afloop, passeer ik een vismarktje dat in Oostende ‘de trap’ heet. In Seurats tijd stond daar ook al een gebouwtje, zie ik. Is 't niet altijd prettig op een plek te komen waar de tijden door elkaar heen lopen?
Flor Vandekerckhove⇲

Nu bevind ik me wel in Port-en-Bessin-Huppain, Normandië. Maar ik begon zo'n extreem korte reisverslagen lang geleden al te schrijven. In die tijd betrof het wandeltochten in Vlaanderen. Daar bestaat een boekje van: Langs Vlaamse wegen. In voettochten van 20 tot 30 kilometer wandelde Tania in 2020-21 omzeggens heel Vlaanderen af. Net als nu zette ik haar toen af waar ze vertrok en haalde ik haar op waar ze aankwam. Intussen zocht ik ook daar plekjes waar ik (over) kon schrijven. Dat leverde telkens een verhaal op, een impressie, een observatie, een vignet, een enkele keer ook een gedicht. 26 van die stukjes werden in 2021 verzameld in een boekje met als ondertitel ‘Een queeste naar Vlaamse identiteit’. Eresenator Jan Loones leverde het voorwoord. Dat e-boekje (70 pagina's, veel foto's) van uitgeverij De Lachende Visch is gratis voor wie erom vraagt. Vragen doe je via liefkemores@telenet.be. (Vermeld ‘Langs Vlaamse wegen’. Alleen beschikbaar in pdf.)

Geen opmerkingen: