maandag 20 augustus 2012

Casino Bredene

— Zo zag het casino er oorspronkelijk uit. — 


In Bredene, langs de noordzijde van de Driftweg, op de smalle overgangszone tussen die Driftweg en de Koninklijke Baan, stond tot tegen het einde van de vorige eeuw een merkwaardige constructie die wij, Bredenaars, niet ‘het’, maar ‘de’ Casino noemden.
Dat Casino werd in 1939 gebouwd in de stijl van de Nieuwe zakelijkheid en met enige verbeelding kon je er een schip in zien met afgeronde boeg en achtersteven.
Een hoktent is het nooit geweest, wel een verbruikszaal met podium, met daarnaast in open lucht een rolschaatspiste en tennisvelden. Vanaf een terras bovenop het gebouw kon je over de rolschaatspiste uitkijken.
Zelf heb ik het casino nooit in zijn oorspronkelijke staat gezien. De grote, vierzijdige strooien koepel die het lagere gedeelte van het dak bekroonde, was toen al verwijderd. Ik kan me niet herinneren dat daar in mijn kindertijd nog tennisvelden waren.
Wel heb ik periodes mogen meemaken waarin de uitbating van het casino voorspoedig verliep. De rolschaatspiste werd in mijn kindertijd druk gebruikt. Moest er toegangsgeld betaald worden? Zeker is dat je ter plekke rolschaatsen kon huren die in de kelders van het gebouw in ruime mate voorradig waren; het rook er naar zweetvoeten.
Ik herinner me evengoed periodes waarin het gebouw leeg stond te verkommeren en de piste er, uiteindelijk zelfs met prikkeldraad overspannen, verwaarloosd bij lag. Het afgesloten casino trok dan puistige tieners aan die er de dingen kwamen doen die vandaag door hangjongeren ook nog gedaan worden. Het gebouw was daar inderdaad zeer geschikt voor, het had hoeken en kanten te over.
Ik kan me voorstellen dat het complex ooit ‘modern’ en ‘chic’ genoemd werd, maar naarmate ik opgroeide kreeg het hoe langer hoe meer een ouderwets imago. Neringdoeners die het opnieuw tot leven wilden brengen, moesten er vroeg of laat toch weer de brui aan geven. Te weinig klanten kwamen in een veel te grote zaal terecht.  Naamsveranderingen mochten niet baten: Palm Beach, Bredene Palace, Duinhof… het bleef ‘de’ casino zijn, een muf riekend restant van het interbellum.
Tijdens de overgang van de jaren vijftig naar de sixties kende het nog een hoogtepuntje. In 1958, het jaar van de wereldtentoonstelling, opende charmezanger Henk De Bruin (°1918-†1996) er zijn Casino-Duinhof waar hij met een eigen showorkest op de planken stond.
Ik herinner me dat de televisie zo’n optreden uitzond. Omdat wij, straatlopers, tijdens de repetities, met onze neus tegen de ruiten stonden te joelen, besloot men wijselijk ons binnen te laten, waar we achter de camera’s een plekje op de grond toegewezen kregen. Voor het eerst waren we getuige van een televisieopname. Vóór de camera’s zagen we Henk De Bruin de zaal binnenschrijden en de gasten groeten, handje hier, handje daar. Die gasten zaten daar al van ’s middags in avondkledij aan cocktails te nippen en kingsize sigaretten te roken. Tegelijk zong Henk een lied, waarbij hij van tafel naar tafel schreed om er ons onbekende, in avondjurk gestoken dames te charmeren. Ons leek het vooral slaapverwekkend te zijn en we poetsten algauw weer de plaat.  ’s Avonds konden we hetzelfde op de TV nog eens zien: De Bruin schrijdt binnen, doet alsof hij die mensen daar voor het eerst ziet zitten en zingt zijn lied.
Hoe lang Henk De Bruin het in ‘de’ casino uitgezongen heeft, weet ik niet. Vandaag is er op die plek trouwens niets meer wat aan dat gebouw herinnert. Het werd gesloopt en in de plaats kwam een park met lage begroeiing.
Ernaast, waar eertijds het verkeerspark Leburton lag (een oefencircuit om kinderen de verkeersregels aan te leren) werd nu een speeltuintje aangelegd en daar schuin tegenover rest evenmin nog iets van de cinema Fiesta of van de dancing ‘l’Espérance’ waarvan ik me herinner dat de uitbater te pas en te onpas de micro in eigen handen nam om zijn stem toe te voegen aan deze die uit de jukebox schalde.
Tempus fugit. Al die constructies zijn verdwenen, net zoals Henk De Bruin algauw verdween in de richting van De tijd van toen, een radioprogramma waarmee conferencier Jan Thijs de verveling van de zondagmiddag probeerde te doorbreken, veelal met het omgekeerde effect.

Flor Vandekerckhove

De vooroorlogse jeugd van Bredene op de trappen van het Casino. Van voor naar achter: Camiel Vandekerckhove, zijn broer Marcel die later mijn vader zou worden, Elza Devriendt,Jef Decraecker, Simone Vyncke, Alice Vandekerckhove met op haar arm haar jongste zus Erna, Helene Devriendt, José Boncquet die tijdens een bombardement om het leven komt en ten slotte Jef Brys. (Met dank aan Nadine Vansieleghem voor het opsnorren van de namen.)

Een reactie plaatsen