maandag 24 oktober 2016

Daar bij de veldkapel

— Van links naar rechts: Cornelius, Antonius en Margaretha. —

‘Waar men gaat langs Vlaamse wegen/ oude hoeve, huis of tronk/ komt men U Maria tegen/ staat Uw beeltenis te pronk.’ Ja, dat is waar. Wie dit vlakke land bewandelt kan het lied alleen maar beamen.
Toch vertelt het maar de halve waarheid. Langs die tronken hebben we ook al kapellen gemonsterd waarin Jozef, Elooi, Job, Godelieve en Hubertus te pronk staan.
Heiligen à volonté! Kapellen in overvloed! Veel staan er schots, scheef en verwaarloosd bij. Andere hebben een nieuw dakje en een nieuwe vloer. Verleden maand hebben we er een gepasseerd die een brievenbus had. Sommige zijn beschermd erfgoed, andere kun je alleen maar kitsch noemen.
Er zijn er die mooie namen torsen. In Boeschepe is zo’n kapelletje gewijd aan de Heilige Maria Troost der Benauwde. (Ik heb er hier al een stukje over geschreven.) Je mag het overigens niet verwarren met de kapel van Onze-Lieve-Vrouw van de benauwde herten, want die staat in Moorslede.
Persoonlijk vind ik de kapel in de Wijngaardstraat van Roesbrugge bijzonder interessant. Het oude gebouwtje hangt vast aan een voor de rest nieuwe woning, waardoor ik verkeerdelijk denk dat het een beschermd monument is, een bouwsel waaraan niets gewijzigd mag worden. Het internet leert me evenwel iets anders: ‘Op dit moment is dit object niet beschermd en niet vastgesteld.’ Erfgoedkundig is het waardeloos. Het mag afgebroken worden.
— Is dit een draakje of is het een hond? —
Dat zou spijtig zijn, want ik ben erg onder de indruk. Binnen staan twee banken, je kunt er gemakkelijk met zes op plaatsnemen. Er ligt ook een groot houten kruisbeeld ter beschikking van de bezoekers.
Luidens het opschrift is de kapel aan Antonius van Padua gewijd, maar die moet zijn stek wel met twee anderen delen, Cornelius en Margaretha, die even prominent present tekenen. Alsof dat nog niet genoeg is, stelt de kapel supplementair nog andere heiligen te pronk, weliswaar in een kleinere versie.
Ik besluit me op de drie grote te concentreren, elk een meter hoog. Ze staan gezamenlijk achter glas en ook nog eens apart onder een stolp.
Antonius herinner ik me van de lagere school. Hij is de patroonheilige van de kinderen, maar ook van de franciscanen, verloren voorwerpen, vrouwen, armen, bakkers, mijnwerkers, het huwelijk, reizigers en verliefden. Hij helpt tegen schipbreuk, pest en koorts.
Cornelius heeft een hoorn bij zich heeft en dat komt doordat zijn naam ‘sterk als een hoorn’ betekent. Men roept hem aan om hoornvee, alsmede de veekweker, te beschermen. Zijn steun wordt ook gevraagd tegen epilepsie, kramp, zenuw- en oorkwalen.
Het meeste word ik geboeid door de beeltenis van Margaretha. Op het net vind ik informatie over ene Margaretha van Antiochië. Die is de patrones van voedsters, verpleegsters, vroedvrouwen en nierpatiënten. Zij wordt aangeroepen bij barensweeën en zwangerschap, onvruchtbaarheid, bij het gebrek aan moedermelk, krampen en borstkwalen.
— Wat staat te lezen op deze bladzijden? —
Omdat ze weigert haar geloof af te zweren wordt ze gemarteld. Dan volgen, zegt Wikipedia, een aantal wonderlijke gebeurtenissen. Waarvan deze toch het vermelden waard is: satan verschijnt in de vorm van een draak en eet haar op. Het verklaart de aanwezigheid van dat draakje aan haar voeten. (Of moet ik daar een hondje zien? De vraag is niet zonder belang, maar dat kom ik pas later te weten.)
Margriet overleeft dat satanistische eetfestijn, en ze doet dat, lees ik, door middel van een kruis. Is het daarom dat er in die kapel zo’n houten kruis voor het grijpen ligt? Ze wordt uiteindelijk toch ter dood gebracht. Ik ga ervan uit dat het doodshoofd daarvoor symbool staat. En dan is er nog het boek dat ze ons toont. Dat verbeeldt wellicht het evangelie dat ze trouw blijft.
Ik slaag er niet in de tekst te ontcijferen, maar ik heb de hulp ingeroepen van enkele verstokte katholieken om me in deze tekstexegese — proef dat woord! — te assisteren.
Die hulp komt er ook, en ze geeft aan dit stukje een onverwachte wending. Luc schrijft me: In het boek "Sanctus, meer dan 500 heiligen herkennen" dat een pastoor aan mij uitleende, en dat ik gelukkig nog niet heb teruggeven, zie ik dat het Margaretha van Cortona is. Ze wordt omzeggens altijd afgebeeld met die hond die aan haar kleed trekt om de plaats te wijzen waar haar minnaar vermoord lag. Toch wel heel zelden met een doodshoofd. In mijn boek staat "Andere attributen zijn een kruisbeeld, een boek of een doodshoofd (symbool van bekering)”.’
Is Margaretha van Antiochië of van Cortona? Onbeantwoord blijft ook de vraag waarom die drie daar samen staan. Betreft het toevallige vondsten van een collectioneur of leert de combinatie me iets over de vele malaaien waarmee de bouwheer van die kapel te maken had? Ik mag er niet aan denken.

Flor Vandekerckhove
Een reactie plaatsen