maandag 1 januari 2018

#MeToo

— Om u bij de aanvang van dit jaar te plezieren laat ik de antiheld van dit verhaal in de straten verdwalen. Er zit stormweer in de lucht. Gelukkig stoot hij onderweg op een vrouwke, heel net en genereus. Je weet wel, dat vrouwke waarover Wannes Van de Velde het in zijn bekende lied heeft. Ze neemt hem mee naar binnen, waar de gebeurtenissen hun gang gaan. —

Het parket geurde naar boenwas, kaarslicht danste op de muren, het haardvuur laaide hevig. Met halfgesloten ogen keek hij toe hoe ze zich klaarmaakte om de liefde te bedrijven. Hij zag hoe ze haar broekje uitdeed en dat naast de haard legde. Hij voelde hoe zijn pik begon te groeien onder de belofte van wat ging komen.
Behaaglijk vleide ze zich neer en zonder enige schroom schoof ze haar nachtpon omhoog. Haar benen weken uiteen en ze toonde hem haar buik, haar openstaande dijen, haar lippen. Nooit voorheen had een hem onbekende vrouw zich zo wulps aan hem getoond en nooit voorheen had hij een hem onbekende vrouw zo wulps bekeken. Hij nam er de tijd voor.
De kaarsen doofden een na een en het koppel werd opgenomen in de nacht. Het enige licht dat restte was dat van een laatste houtblok waaraan de vlammen gretig likten. Buiten ging de storm hevig tekeer.
Ze glimlachte en keerde zich om, ze toonde hem haar billen en haar kont. Langzaam kwam hij nader en terwijl hij zijn pik omklemde om haar te penetreren viel hem een tattoo op. In het schijnsel van het vlammenspel las hij op haar rechterbil #MeToo.
Daar schrok hij hevig van. De houtblok mocht dan hevig branden, zijn lust was wel compleet geblust. Uit het lood geslagen keerde hij onverrichter zake op zijn schreden terug.
Ze zeiden niets. Hij scharrelde zijn kleren bij elkaar, trok de deur achter zich dicht en haastte zich naar de bushalte, waar hij constateren moest dat de Avondlijn omwille van de storm was afgeschaft.
Flor Vandekerckhove


Een reactie posten