zaterdag 3 oktober 2015

Gedachten en gedichten op het veld van Warvinge

— Hervé Casier (°1943) —
Elk woord is als een overbodige vlek op de stilte en het niets. Ik klap de nieuwste dichtbundel van Hervé Casier dicht en dat is het eerste waaraan ik denk. Origineel is die gedachte niet, ze komt van Samuel Beckett. En ik denk wel dat Casier het ermee eens is.
Stofjes op een weegschaal is de oogst van twee jaar zaaien op de akkers van Warvinge, het poëtisch universum waarin dichter Casier zich ophoudt. Veel valt er niet te rapen: dertig extreem korte gedichten, vijftien per jaar, iets meer dan één per maand. Maar schamel is die oogst daarom nog niet, want Casier maakt er een erezaak van om zo weinig mogelijk te produceren. Dat geldt niet alleen voor de gehele oogst, ‘t geldt ook voor elk van de afzonderlijke vruchten; een oeuvre gekenmerkt door eenvoud. 
Dichter Jos Daelman, die de flaptekst bij het boekje levert, merkt op dat de gedichten eerder gedachten zijn. Hoezo eerder gedachten? Volgens mij gaat het zo. Terwijl hij uit het raam kijkt, zaait Casier zijn gedachten op Warvingse bodem. Terwijl ze daar groeien, knipt hij ze bij tot er haast niets van overblijft: zoveel / geschrapt // bijna / niets / blijft // tenzij / de / pen die // over / die / leegte / schrijft. Tegen de tijd dat Casier de oogst op zijn warvingekar laadt en naar de markt voert, zijn de gezaaide gedachten wel degelijk gedichten geworden, maar dan van het bonsaitype.
De pen is het werktuig waarmee Casier zijn gedachten bijknipt tot ze gedichten zijn: je legt / je hand / op de pen // tekent / een zwart / streepje // tegen de / ondergaande / zon // je denkt / het is dat / wat ik ben. Het werktuig van de Warvingse dichter verschilt echter danig van het gereedschap waarmee de boer zijn oogst te lijf gaat. Het verschilt ook van het toetsenbord waarmee ik deze tekst schrijf. Casiers pen is een symbolisch voorwerp en ze is vrouwelijk. De dichter staat in haar dienst, hij legt haar woorden neer: de pen / klettert / op de / grond // ik raap / ze op // leg haar / woorden / neer // ze blaft / zoals / een hond.
Veel weemoed in de bundel: heimwee / naar diepte // verlangen / naar hoogte. Waar is de tijd, zo luidt het, dat we nog dachten als leeuwen? Ah, ’t is de ouderdom meneer, de leeftijd waarop een mens, opgesloten / in / een glazen kooi, de balans opmaakt: altijd getracht / de woorden / neer te schrijven / een zucht hoger / dan het oppervlak / van het witte blad / dat lag duidelijk / buiten mijn macht (…). Iedereen die schrijft kent dat gevoel wel, want perfect is het natuurlijk nooit: een vogel / vliegt / over / verdwijnt / in de verte / in een punt // ik begrijp / niet / waarom / ik dit niet / heb gekund. Weer haal ik er Beckett bij, want die kent het antwoord op de dichters vraag. No matter. Try again. Fail again. Fail better.
Flor Vandekerckhove


Hervé J. Casier. Stofjes op een weegschaal. Gedichten. 2015. A’pen/R’dam, Uitg. C. de Vries-Brouwers. 35 ps. ISBN 978-90-5927-447-1.
Een reactie plaatsen