vrijdag 15 juni 2012

Op zoek naar Patrick Van Molle

De klas van meester Blomme, halverwege de vorige eeuw. Boven van links naar rechts: Marcel Derdeyn, Hugo Pauwels, Robert Devisch, Willy Versluys, Jean-Pierre Beirens, Honoré Pitteljon, Albert Declercq, Johan Brauwers, x Verlee, x Rosseel, x Vandenbroucke, x Vansembroeck. Midden: Dirk Bergmans, Norbert Olders, Louis Vancleven, Freddy Versluys, Ivan Steen, Flor Vandekerckhove, Marcel Vanpaemel, Erik Pope, Fernand Devos, Chris Stuyts, Noël Denys, Patrick Van Molle. Onder: Gilbert Boey, Jacques Malfait, Fernand Moeyaert, Lucien Geryl, Jean-Pierre Boentges, x Dewilde, Albert Tas, x Vanlerberghe, x Warmoes, Hubert Derdeyn, x Utterwulghe (Met dank aan Annick Blomme die me de foto bezorgde.)
[Kan iemand me de ontbrekende namen laten kennen? Mochten sommige namen fout zijn of fout geschreven, wil je me dat dan ook meedelen? ] 


ER ZIJN MENSEN die je een leven lang tegen het lijf loopt. Je hebt ze voor het eerst in de kleuterklas gezien, je bent ze blijven zien en je komt ze ook nu nog regelmatig tegen. Je kent die mensen al zo lang dat je denkt dat het je vrienden zijn; een misvatting, maar een die te begrijpen valt. 
Er zijn ook mensen die je in die kleuterklas gekend hebt, maar die je daarna niet meer ziet… tot ze toevallig eens aan je deur passeren. Dat is me onlangs overkomen. 
En er zijn er ook die je nooit meer ziet. Opeens ontsnappen ze uit het kader waarin je leven zich beweegt en ze keren er nooit meer in weer. 
Patrick Van Molle is zo iemand. Nooit meer gezien, nooit nog gehoord. 
We liepen samen school. Hij was steevast de primus van de klas en torende met zijn percentages hoog boven iedereen uit. Vandaag zou men hem hoogbegaafd noemen, maar in die tijd bestond daar nog geen woord voor. 
Er was wel meer waardoor Patrick zich van ons onderscheidde. In het spel wilden wij allemaal bandiet zijn. Slechts één gaf zich telkens op als politieman: Patrick. In een ander spel — dat eigenlijk hetzelfde was — waren wij de smokkelaars en was alleen Patrick de douanier. Wanneer het er op aan kwam uit de gevangenis te ontsnappen nam Patrick graag de rol van cipier op zich… En hij droeg een Tiroler broek, een LederhosePatrick was, zo vonden wij, een beetje anders. 
Werd hij erom gepest? Dat denk ik niet, maar er waren er toch niet veel die hem thuis gingen opzoeken. Hij werd door ons gedoogd en hij gedoogde ons. 
Na zijn middelbare studies trok Patrick naar de universiteit. Zo waren er wel meer, maar die kwamen niet in de Université Catholique de Louvain terecht, om daar romaanse talen te studeren, zoals Patrick dat wel deed. Daarna hoorden we nauwelijks nog iets over hem. Hij zou professor geworden zijn en ergens een romaanse taal doceren. Hij zou een korte tijd getrouwd geweest zijn. Alles in de voorwaardelijke wijs. En daarna niets meer.
Ik googel zijn naam. Het is niet dat ik vermoed dat Patrick een facebookman zou zijn, maar zo’n bolleboos moet toch sporen op het internet achterlaten. Helaas, geen adres, geen foto. Ik vind de titel van een thesis die wellicht de zijne is: 'Les auxiliaires italiens du passif: problèmes de méthode et résultats concrets: mémoire présenté en vue de l'obtention du grade de licencié en philologie romane / Patrick VAN MOLLE. - 1971'. Diep in het net vind ik nog twee wetenschappelijke publicaties, waar ene Patrick Van Molle als medeauteur voor tekent. ‘Problèmes linguistiques des enfants de travailleurs migrants’ en ‘Conversazione in Sicilia’ met daar nog ’n resem ondertitels achter. Voor zover die studies zich op het internet laten inkijken vind ik er maar weinig in dat aan mijn ouwe klasgenoot toegeschreven wordt. Een pover resultaat is het. Bovendien dateren die studies al van 1977. Zou hij afgehaakt hebben? Is hij uit het universitaire kader gestapt om in Sicilië geiten te hoeden? Is het ergens misgegaan? Is hij overleden?
Flor Vandekerckhove
Een reactie plaatsen