woensdag 26 december 2012

De strijd om de straat(naamborden)


Dit stukje gaat over straatnamen in het vredige Bredene. Maar ik heb een aanloop nodig en verplaats me daarom eerst naar het woelige Antwerpen. In ‘t Stad woedt namelijk een debat over de naam van het De Coninckplein, genoemd naar de historische figuur Pieter De Coninck. Het literaire kunstencentrum Behoud de Begeerte stelt evenwel voor om de naam te veranderen in Herman De Coninckplein, naar de in 1997 overleden dichter. Burgemeester Bart De Wever is daar tegen: ‘Ik heb zelden een dergelijk idioot voorstel gehoord.’
Twee prenten die destijds in het inmiddels verdwenen kapelletje
in de Kerkstraat te Bredene Dorp te zien waren,
samen met twee andere waarop de slachtoffers van WO I vermeld werden.
Vandaag bevindt er zich een vergelijkbaar monumentje nabij
de ingang van de openbare bibliotheek. (Archief Louis Vande Casteele.)
Wij, nuchtere Bredenaars, kunnen dit debat terzijde schuiven als zijnde typisch voor Antwerpenaren die van een mug een olifant weten te maken en daarenboven de verwerpelijke gewoonte hebben om hun dorpstwisten over heel het land uit te smeren.
Maar er is meer aan de hand. Het lijkt erop dat er in 't land een strijd om de straat(naamborden) is losgebarsten. In Aalst is een partijgenoot van De Wever schepen van Vlaamse Zaken geworden. Hij wil de straatnaamborden vervangen door nieuwe exemplaren waarop een Vlaamse leeuw afgebeeld staat. Er zijn nog zo'n mandatarissen van Vlaamse Zaken. Je vindt ze ook in Brasschaat, Affligem, Beersel, Dilbeek, Halle, Kortenberg, Meise, Opwijk, Sint-Pieters-Leeuw en Steenokkerzeel. Ook in Temse werd er na de jongste gemeenteraadsverkiezingen soortgelijke schepenbevoegdheid bedacht. Daar wil de N-VA meer standbeelden van ‘Vlaamse groten uit Temse’ in het straatbeeld zien verschijnen.
De Vlaams-nationalisten breken blijkbaar niet alleen in het stadhuis door.  Politiek — we waren het een beetje vergeten — wordt inderdaad niet alleen in vergaderzalen uitgevochten, maar overal: op het internet, op de werkvloer, in cultuurhuizen, galeries, musea en jawel… ook op straat.
In Bredene is het vandaag rustig, maar of het zo blijft is onzeker. Zeker is alleen dat er ook sporen van ideologische strijd in (de geschiedenis van) een aantal Bredense straatnamen weer te vinden zijn.
Ik had het nooit opgemerkt, ware het niet dat ik in november een stukje over de oorspronkelijke straatnamen schreef van wat we in Bredene Duinen met een groot woord de villawijk noemen. (1) De lanen van die wijk werden oorspronkelijk genoemd naar de bourgeois die daar de gronden verkavelden en/of er als eersten villa’s lieten bouwen (Avenue le Grand, Marc Samdamlaan, Vandersmissenlaan…). Terwijl ik dat allemaal probeerde uit te vlooien, viel mijn oog op enige merkwaardigheden. Zo was er een laan ‘die het kruispunt van de Noordlaan/ Kroonlaan/ Strandlaan verbindt met de Parklaan. Aangelegd na de Eerste Wereldoorlog volgens een plan uit 1905 (…) Tijdens de Tweede Wereldoorlog Arteveldelaan genoemd.’ (2) en een andere ‘die de Prinses Marie-Josélaan met de Frankrijklaan verbindt. (…) Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de naam tijdelijk omgevormd tot "Jacob van Maerlantstraat".’ (3)
Een mens zou denken dat een gemeentebestuur tijdens zo’n oorlog wel andere dingen te doen heeft dan het bedenken van nieuwe straatnamen. Anderzijds is oorlog, zo leert ons het cliché, alleen maar de voortzetting van de politiek met andere middelen. Zou het kunnen dat oorlogsburgemeester Poppe de Vlaamse zaak op die manier een duwtje in de rug probeerde te geven? Was er tijdens die oorlog in Bredene al een soort schepen van Vlaamse Zaken actief? Zeker is dat niet, want ik vond nog een merkwaardig zinnetje: ‘1939: gemeente stelt nieuwe straatnamenlijst op waaruit persoonsnamen van eigenaars op één na [worden] geweerd.’ (4) Een lijst met de voorstellen vind ik evenwel niet. Maar ik denk niet dat de heren van Maerlant en Artevelde door gemeenteambtenaren verkeerdelijk tot de eigenaars gerekend werden. Toch krijgen zowel de Jacob van Maerlantstraat als de Arteveldelaan na de oorlog al vlug wéér nieuwe namen. De laatste wordt dan de Verbondenenlaan en de eerste kennen we sindsdien als IJzerlaan. Resultaat van een politieke strijd om de straatnamen?
Die oorlog liet in Bredene ook elders sporen na in de straatnamen. In Bredene Sas is er een Breendonklaan. De verbindingsweg tussen ’t Sas en “t Dorp werd dan weer naar Fritz Vincke genoemd. Tijdens WO II maakte deze Vincke deel uit van een verzetsgroep. Hij werd op 30 augustus 1943 in Klemskerke opgepakt. Uiteindelijk kwam hij in het concentratiekamp Gross-Rosen terecht en overleed tussen 10 en 12 februari 1945, op weg naar kamp Dora.
Het Frans Provoostplein werd genoemd naar een Bredense veldwachter, geboren in Bredene op 30 juni 1894 en gestorven te Dachau op 3 februari 1945. Deze verzetsman was ingedeeld bij de 1ste escouade (een groep van 10 man en een overste) van het eerste peloton Bredene. Hij werd op 3 april 1944 aangehouden. Uiteindelijk werd hij op transport gezet naar het concentratiekamp van Dachau waar hij overleed.
In 1952 werd de Louis Vander Schraeghestraat aangelegd. De verzetsstrijder uit WO II was leider van de 2de sectie van de verzetsgroep ‘Schuiloord Oostende’ dat onder bevel stond van Predhom François. Op 4 april 1944 werd hij aangehouden en overgebracht naar het concentratiekamp Flosenburg. In mei 1945 werd hij bevrijd.  Hij keerde terug naar Bredene waar hij op 17 juni 1946 overleed. (5)
Er is ook een Henri Vanblaerestraat. De automecanicien Henri Vanblaere werd eerder in deze blog al vermeld. (6) Tijdens WO II was hij in Bredene leider van het O.M.B.R. (Organisation Militaire Belge de Résistance). Hij werd door collaborerende Bredenaars verraden. Aangehouden op 9 september 1943 werd hij naar Duitsland gedeporteerd. Hij kwam via Gross-Strehlitz in het kamp van Gross-Rosen terecht. In dat kamp overleed hij begin december 1944. Over Vanblaere verklaarde een lotgenoot afkomstig uit Dinant: ’il a été courageux jusqu’au bout et il est mort en patriote et en bon chrétien (un prêtre l’a vu avant sa mort) ne regrettant rien de ce qu’il avait fait et prêt à recommencer.’ (7)
Voor mij ligt een stuk dat ik uit DS Weekblad gescheurd heb.(8) Daarin vertellen enkele oud-strijders over de verschrikkingen die ze in dergelijke naziconcentratiekampen moesten ondergaan. Die oud-strijders willen ons iets meedelen: ‘Wij herinneren eraan dat de N-VA haar oorsprong vindt in het Vlaams Nationaal Verbond (VNV) van tijdens de oorlog.’ Ze weigeren deel te nemen aan oorlogsherdenkingen waarop ook N-VA–politici aanwezig zijn.
Ja, de politiek is weer alom aanwezig, ook op straat. Vraagt u zich nu af of ’t verder wel zo’n vaart zal lopen? Daarop valt maar één antwoord te geven: we zullen zien. Of misschien ook wel: no pasaran!
Flor Vandekerckhove

(2) https://inventaris.onroerenderfgoed.be/dibe/geheel/7801
(3) https://inventaris.onroerenderfgoed.be/dibe/geheel/7781
(5) Met dank aan Louis Vande Casteele die me de gegevens over deze straatnamen doorstuurde.
(6) Henri Van Blaere wordt vermeld in het stuk dat we over Ons Volk schreven (http://florsnieuweblog.blogspot.be/2012/09/ons-volk.html) en in Garage Achille (http://florsnieuweblog.blogspot.be/2012/07/garage-achille.html)
(7) Uit het familiearchief van Mireille Vanblaere.
(8) ‘De Vlaamse leeuw, daar spuw ik op’, in DS Weekblad van 1 december 2012. p. 28 e.v.
Een reactie plaatsen