woensdag 23 november 2016

Tarzanboom

—De Tarzan in de Duinbossen van De Haan. (Eigen foto) —
In de jaren vijftig was de wijk waar we woonden onze hele wereld. Ten noorden werd die afgebakend door de zee, ten zuiden door de polders, in het oosten fungeerde de Visserskapel als grenspaal en ten westen was er de oude molen. Het waren grenzen die wij, spelende kinderen, zelden overschreden.
Soms deden we het toch. We fietsten naar de Spuikom of we trokken via het strand westwaarts naar het Fort Napoleon en oostwaarts naar D’Heye. Of we spoedden ons naar de Duinbossen van De Haan, want daar stond een boom die dringend beklommen moest worden: de Tarzanboom.
Daar moest ik aan denken toen ik enkele dagen geleden het stukje over de Caesarsboom schreef, die in Lo erg gekoesterd wordt. Ik herinnerde me opeens die Tarzanboom en ik schreef er iets over in dat stukje.
Ivan Schamp reageerde meteen: ‘Ja dat klopt’, schreef hij enthousiast, ‘de Tarzanboom staat in het bos recht tegenover het Medisch Psychisch Instituut van het Gemeenschapsonderwijs. Ik herinner me dat mijn vader met mij naar die boom trok om hem te beklimmen. Ik meen dat ik er ook eens met jou en met nog anderen naartoe getrokken ben, alweer met de fiets, wellicht om ook jullie die boom te leren kennen. Wat ik ook nog weet is dat jij tot in de kruin van de boom geklommen bent en ik met moeite tot halverwege. Schrik! Later heb ik op mijn beurt de Tarzanboom aan mijn drie kinderen leren kennen. Ook zij hebben de boom tot in de top beklommen.’ Ivan laat nog weten dat hij me dit bericht vanuit Tenerife stuurt. De tijd dat onze wereld zich beperkte tot de wijk waarin we woonden ligt ver achter ons.
Schamp beschrijft de plek nauwkeurig en omdat ik toch in De Haan moet zijn, ga ik die opzoeken. Rechtover het MPI trek ik het bos in. Al gauw kom ik aan de rand van een duinpan. Die mag je niet betreden. Er staat niet alleen een bordje dat je daarop wijst, er is ook een omheining die het je belet. Aan de overkant zie ik hem staan, de Tarzan!
Nog altijd oogt hij indrukwekkend. Meer dan vroeger zelfs, want de tijd heeft aan de bodem gevreten en de boom toont ons nu niet alleen zijn indrukwekkende takken, maar ook zijn machtige wortels. Ik vraag me af of de Tarzan op die manier nog een lang leven beschoren is.
De boswachter is niet in de buurt en ik kruip over de draad. Niet om in de top van die boom te klimmen — dat zou ik niet meer durven/kunnen — maar om hem van nabij te fotograferen.
Terwijl ik dat doe valt me, vlak naast de Tarzan, nog een boom op. Ook die kun je tot boven beklimmen. Mag ik die buurboom de Jane noemen? Of is dat overdreven?
Flor Vandekerckhove

Een reactie posten