zondag 4 maart 2012

Fietsende vrouwen


Hij had haar nochtans meteen gezegd dat zijn moeder niet thuis was. Toch zette de vrouw haar fiets tegen de muur.  ‘Dat is niet erg’, antwoordde ze, ‘Ik geef het jou wel.’  Ze stapte resoluut het huis in en haalde het tijdschrift van de Katholieke Vrouwenbond uit haar tas.  Ongevraagd ging ze op een stoel zitten.  Ze keek hem aan, lichtte haar rok een eindje op en waaierde er enige koelte onder. ‘’t Is voor ‘t zweet,’ zei ze, ‘dat komt door het fietsen’
De jongen leunde tegen de tafel, vlak voor haar stoel. Hij wist niet wat te zeggen en hij wist nog minder waar te kijken. Terwijl zij met haar rok bleef wapperen, bladerde hij door het tijdschrift.  Hij probeerde vruchteloos zijn ogen van haar kruis weg te houden. ‘Mama is niet thuis,’ zei hij nogmaals.  Zijn stem beefde. Ze zag het trillen van zijn oogleden en opende haar benen. Toen ze een half uur later weer buiten stond, waren zowel de jongen als de vrouw andere mensen geworden.
Niet lang daarna liet de vrouw haar echtgenoot in de steek om naar de stad te verhuizen. Daar kwam ze aan de bak als postbode, zo vernam het dorp later uit de mond van mannen die haar in die stad hadden zien fietsen.
De jongen werd een man. Hij bleef vrijgezel en bracht zijn vrije tijd uitsluitend thuis door, in de zetel, voor het venster.  Door het raam keek hij naar vrouwen die zich op de fiets door het leven haastten.  Na zijn dood trof men in zijn huis een merkwaardige collectie aan, duizenden foto's van het verkeer op het fietspad voor zijn deur, allemaal fietsende vrouwen, een verzameling foto's waarvan niemand de zin inzag.
Flor Vandekerckhove
Een reactie plaatsen