zondag 15 juni 2014

De barbaren

Of het vandaag nog in zwang is weet ik niet, maar toen ik klein was zegden we het regelmatig: al wat je zegt ben je zelf. Het was een uitermate efficiënt antwoord op alle verwijten waarmee kinderen elkaar om de oren sloegen. Al wat je zegt ben je zelf! Ik moet er regelmatig weer aan denken terwijl ik De barbaren van Alessandro Baricco aan het lezen ben.
Vandaag, zo noteert hij in dat essay, trekt men niet meer naar de bibliotheek om daar iets uit te diepen, neen, men googelt zich een antwoord. Dat is niet het meest doorwrochte antwoord, maar de webpagina met de meeste links. Het antwoord dat we tot voor kort in de diepte zochten, vinden we nu aan de oppervlakte. Diepgaand versus oppervlakkig. Baricco spreekt over een ‘zielsverlies’. 
Mensen van mijn leeftijd herkennen die kritiek. Velen bieden zelfs weerstand. Ik ken er die nog altijd met een vulpen schrijven omdat dit een ‘diepere’ schriftuur oplevert. Ook ken ik iemand die van een e-boek reader zegt dat hij waardeloos is omdat je eerst aan een boek moet kunnen ruiken voor je het leest. Wie daar anders over denkt is een barbaar. Ik denk dat ook nog wel eens, maar tegelijk zeg ik tot mezelf: ‘Al wat je zegt ben je zelf.
We kunnen er niet meer naast kijken, we zitten middenin de overgang van een oude naar een nieuwe cultuur. We zullen daar niet aan ontsnappen. Google doet vandaag wat de uitvinding van de boekdrukkunst destijds ook gedaan heeft. Wat we meemaken is waarlijk een mutatie. ‘Het idee (…) dat je diep moet gaan op dat wat we bestuderen, tot we de essentie ervan bereiken, is een mooi idee dat aan het uitsterven is; daarvoor in de plaats komt de instinctieve overtuiging dat het wezen der dingen niet een punt is maar een baan, dat niet in de diepte verborgen zit maar over de oppervlakte verspreid ligt, dat het niet binnen in de dingen schuilt, maar zich vertakt aan de buitenkant ervan, waar ze daadwerkelijk beginnen, dat wil zeggen overal.’
Zelf ben ik al gezwicht. De tekenen liegen niet. Mijn geprefereerde literaire genre, zowel voor ’t lezen als voor ’t schrijven, is het zeer korte verhaal, uitermate geschikt voor de blog die, dat weet u wel, echt mijn ding geworden is. (A.L. Snijders, die de term zeer kort verhaal gelanceerd heeft, is een voorloper, al weet hij dat wellicht niet.) Mijn jongste boek heb ik als e-boek gepubliceerd. Ik heb me ook een e-boek reader aangeschaft waarop ik in enkele dagen tijd vierhonderd boeken gedownload heb die ik wellicht nooit zal lezen. Baricco weet dat het zo gebeurt: ‘De daling van de kwaliteit is gepaard gegaan met de stijging van de kwantiteit.’ Die mens heeft het me allemaal duidelijk gemaakt, maar niet alleen door wat hij in dat essay schrijft. Ook de manier waarop ik dat boek aan ’t lezen ben, leert het me. Ik lees en surf tegelijk, als ware ik een overjarige maar volleerde virtuele beach boy, naar beelden die erbij passen. En kijk, ik heb in dat boek nog honderd bladzijden te gaan en ik heb intussen al een filmpje — een aanrader! (*) — bekeken waarin een journaliste internationale kunstenaars opzoekt die ‘barbaars’ tewerk gaan door hoge en lage cultuur met elkaar te verbinden. Ed Templeton is zo'n kunstenaar, Walter van Beirendonck, Brian Kenny, Martha Colburn, Anton Unai, Maarten Vanden Eynde zijn dat eveneens, en Sarah Maple is er ook eentje; ik neem je hieronder mee naar een vernissage van het werk van deze Sarah. 
Tijd om samen te vatten: ik heb al lezend een reportage bekeken, kennis gemaakt met een aantal kunstenaars, een vernissage meegemaakt en in deze blog heb ik tussendoor dit stukje gepubliceerd over een boek… dat ik nog aan 't lezen ben. Voorwaar, voorwaar, ik heb de kant van de barbaren gekozen, ik ben een collaborateur. Baricco heeft me dat geopenbaard. Godver, dit is waarlijk een goed boek!
Flor Vandekerckhove


Alessandro Baricco, De barbaren, De Bezige Bij, 2012, 237 blz, ISBN: 978 90 234 7192 9.


Een reactie plaatsen