zaterdag 24 maart 2018

Op de Valentijntrein


— De stoomtrein die ook vandaag nog ingezet wordt tussen Maldegem en Eeklo. —
De trein trekt zich traag op gang. M’n maat kijkt naar de jonge vrouw die op de bank tegenover hem zit. Zo begint hij zijn verhaal. Hij kijkt hoe ze haar benen kruist. Hij ziet sexy nylons, een mooi gevormde knie, volle dijen en een heel klein beetje bil. Ze draagt pumps. ‘Ah’, zegt hij, ‘hoe zal ik haar beschrijven? Als iemand die zich ophoudt in bars, casino’s en hotels… U kent het genre ongetwijfeld wel, een vrouw waarbij een mens meteen aan zwarte lingerie denkt.’
Hij is zeventig, het is dik vijftig jaar geleden dat we elkaar gezien hebben en al die tijd is hij vrijgezel gebleven. Tot nu. Hij gaat trouwen.
De trein komt op kruissnelheid en zijn verhaal eveneens. Hij vertelt me hoe de rok van de jonge vrouw omhoogschuift. Hij zegt dat hij me niet moet vertellen welke emoties dat bij een man oproept. Buiten is het donker. Monotoon raast de trein door het landschap. De treincoupé wordt door een klein peertje verlicht. 
‘Wacht’, zegt de jonge vrouw onverwachts tegen mijn oud-schoolmakker, ‘dit gaat niemand iets aan.’  Ze staat op en laat het rolgordijntje zakken. Weer gaat ze recht tegenover hem zitten, hun knieën nauwelijks van elkaar gescheiden. Haar rok zit inmiddels op de rand van het fatsoenlijk naakt en het wulpse. Hij zwijgt even. Het zweet parelt op zijn voorhoofd. Ik weet niet wat ik er moet van denken. Heb ik al gezegd dat hij zeventig is?
De trein, heeft hij me uitgelegd, is de Valentijntrein, een antieke wagon die jaarlijks nog eens van stal gehaald wordt, en in de valentijnsnacht een tocht maakt, getrokken door een stoomlocomotief.
‘Hier in Vlaanderen?’ vraag ik. Hij begrijpt niet dat ik daar nog nooit van gehoord heb. Later raadpleeg ik het internet en ik zie dat het Stoomcentrum, waarover hij me vertelt, wel degelijk bestaat. Nog steeds laten ze daar zo nu en dan een stoomtrein uitrijden.
Zijn verhaal houdt op wanneer de trein de rit beëindigt. De jonge vrouw heeft haar rok inmiddels onbeschaamd hoog opgetrokken. In de intimiteit van de chambrette toont ze mijn zeventigjarige maat vrank en vrij haar mooie broekje dat nauw haar poes omsluit, een zwart kanten broekje. En met die vrouw gaat hij nu trouwen. 
Accidere ex una scintilla incendia passim,’ roept hij ten slotte in extase. Wat merkwaardig is, want in de middelbare school hebben wij samen de moderne afdeling gevolgd, Latijn hebben we daar nooit geleerd. 
Ik vraag hem lachend of hij dat nog eens wil herhalen, ik schrijf het op en neem me voor om de vertaling thuis op te zoeken. Maar je weet hoe 't gaat — boodschappen, tukje, fietsband repareren, gras maaien, stoep vegen, ruiten zemen, hond uitlaten, familiebezoek, PMD op straat, voetbal, wasje slaan, hongertje… — het komt er maar niet van, en zo belangrijk is dit verhaal nu ook weer niet.
Flor Vandekerckhove
Een reactie posten