zaterdag 21 april 2018

Pillen tegen de vergeetachtigheid

— Destijds in de apotheek. —
Lang, heel lang geleden, in de tijd dat je in de apotheek nog mocht dansen, ging ik er eens pillen halen tegen de vergeetachtigheid.
Voor ik deze openingszin neerschreef, wist ik al hoe de slotzin van dit sprookje ging luiden. Op ’t einde zou daar staan: ‘Toen ik achter me de deur had dichtgetrokken ving ik nog een glimp op van de eenhoorn, vlak voor die voorgoed uit het zicht verdween.’
Die vreemde slotzin stond al vele dagen in mijn notitieboekje te wachten op een geschikte gelegenheid om eruit geschrapt te worden. De al even vreemde openingszin daarentegen bedacht ik pas vannacht, toen ik opeens wakker werd en in ’t donker, voor ik hem vergeten zou, naar een pen zocht om de zin te noteren.
Ik had nu een slot en een begin en het werd tijd om me af te vragen wat er tussen die twee in zou komen.
Binnen in de apotheek was er een walsje aan de gang en ik ging tegen de muur staan om mijn beurt af te wachten. Het was een mooi liedje en daardoor duurde het niet lang. De dansers trokken naar de toonbank en nu was 't aan mij om te dansen, een java.
Ook die ging vlug voorbij en toen was het mijn beurt om aan te schuiven. Achter mij zetten alweer anderen de dans in, een tango deze keer.
Toen ik oog in oog met de apotheker stond, was ik helemaal vergeten wat ik daar kwam halen. Zeker, ik wist dat het mij om pillen te doen was, maar ik was vergeten welke. De apotheker en ik stonden enkele tellen in stilte naar elkaar te kijken en toen zei ik dat ik later eens zou weerkeren.
Dat vond hij goed en ik verliet de apotheek. Toen ik achter me de deur had dichtgetrokken ving ik nog een glimp op van de eenhoorn, vlak voor die voorgoed uit het zicht verdween.
Flor Vandekerckhove



Een reactie posten