donderdag 9 november 2017

De boog van de laatste Viking


— Links: Voerman Raymond Vansieleghem (°1897 - †1955) in zijn vrachtwagen. Hij staat voor de echtelijke woning in de Duinenstraat. Dat huis heeft later etages gekregen en gele gevelstenen, maar het bestaat nog steeds. Eertijds was dat nummer 239, nu 303. Op de gevel stond destijds: ‘R. VANSIELEGHEM VOERMAN’ en het telefoonnummer.
Rechts: Remi Vanghelewe (80). In 1954 was hij het jongste lid van de Bredense handbooggilde De Vikingers. Remi bezit nog altijd Raymonds boog die hij later van weduwe Marie Dekuyper cadeau gekregen heeft. —

Op het neergelaten rolluik wordt een kruisbeeld aangebracht. Mannen die passeren ontbloten het hoofd, vrouwen slaan een kruis. 
Het huis staat schuin tegenover het onze, en wordt bewoond door voerman Raymond Vansieleghem en zijn echtgenote Marie Dekuyper, bobonne. Ik moet zeggen werd bewoond, want op die zomerse dag in 1955 is Raymond schielijk overleden. Ik herinner me die dag.
Raymond is in zijn vrachtwagen gestorven. De auto, die onbeheerd achterblijft, wordt door zijn zoon Robert naar huis gereden. Ik zie hoe nonkel Robert er traag mee voorbij ons huis rijdt. Hij ziet er geslagen uit, getekend door het onverwachte verlies.
Iedereen kijkt sprakeloos toe. Ik ben zes, maar begrijp toch dat er iets onomkeerbaars gebeurd is. Raymond, die er in mijn perceptie altijd geweest is, zal er opeens nooit meer zijn.
’s Anderendaags gaat mijn moeder de laatste eer bewijzen. Ik steek mee de straat over en moet daar in de gang wachten, terwijl moeder en bobonne zich in de voorplaats afzonderen. Ik vang een glimp op van de overledene die daar opgebaard ligt. Het is voor het eerst dat ik een overleden mens zie, maar ik ben vooral onder de indruk van de zwarte baldakijn waarmee de rouwkamer ingericht werd, ten teken dat hier een pikzwart drama plaatsgrijpt. (Bobonne zal de rest van haar leven in 't zwart gekleed gaan.)
Vandaag, tweeënzestig jaar later, word ik weer aan Raymond herinnerd. Dat komt door een stukje dat ik eerder over de Bredense Handbooggilde De Vikingers gepubliceerd heb. Marc Blomme bezorgt me de namen van de boogschutters en dan schrijft hij dit: ‘De enige nog in leven zijnde schutter is Remi Van Ghelewe. Hij was toen pijlenraper, 17 jaar oud, en kon zo aan wat extra zakgeld komen. Omdat hijzelf geen boog had mocht hij deze van de andere leden gebruiken. Later — er was toen al geen schuttersgilde meer — kreeg hij de boog van Robert Vansieleghem.’
Dat laatste verheugt mijn nicht Nadine, want zij heeft zich lang afgevraagd waar de boog van haar vader gebleven is. Prompt begeeft ze zich naar Remi Van Ghelewe. Daar leert ze hoe de vork aan de steel zit: Bij Remi en Eliane verneem ik dat die boog niet van mijn vader Robert is, maar van Raymond Vansieleghem, mijn grootvader. Remi heeft de boog van bobonne gekregen na het overlijden van Raymond. Remi heeft die boog nog altijd en hij is er nog steeds aan gehecht.’
Dat de laatste nog in leven zijnde Vikinger aan die boog gehecht is valt licht te begrijpen, want, zeg nu zelf, wat is een Viking zonder zijn boog. Toch belooft hij Nadine dat hij ’t haar zal laten weten mocht hij ter zake ooit enige onthechting voelen opborrelen.

Flor Vandekerckhove
Een reactie posten