dinsdag 20 december 2016

Nodig een eenzame uit

Elk jaar een kerstverhaal. Ik handhaaf die traditie wanneer ik in 1988 Het Visserijblad overneem. Ook nadat ik met pensioen gegaan ben blijf ik de traditie trouw: jaarlijks een kerstverhaal, maar nu in de blog.
Dat dient ruim geïnterpreteerd te worden. Het kan een klassiek verhaal zijn, zoals Kerst op de Oostendse Oosteroever, een lied zoals Kerstmis kan de boom in of een gedicht zoals Kerst op Pasen. En wat het dit jaar wordt, weet ik nog niet.
Om inspiratie op te doen ga ik joggen, want het is zoals Peter Ampe het hier in ’t Engels zegt: The Mind Works Best At Running Speed. Tegen de tijd dat ik onder de douche sta hoop ik een idee te hebben, een aanzet, iets…
Ik woon op een boogscheut van een van ’s werelds mooiste natuurgebieden, de Noordzee. Daar loop ik regelmatig enkele kantjes van af, een tocht van acht, hooguit tien kilometer, altijd weer dezelfde weg.
Onderweg kom ik altijd weer dezelfde mensen tegen: de dikke man, de jonge vrouw met het hondje, de oude man met de rollator, de Brusselse buurman en zijn hondje…
Het zijn eenzaten zoals ik. De jonge vrouw en ik knikken elkaar toe, de rollatorman laat me stoppen voor een babbel, altijd dezelfde babbel. De dikke man kijkt me na al die jaren nog steeds niet aan; dat vind ik vreemd, net zoals ik het vreemd vind dat hij zo dik blijft zijn, je zou denken, van al dat wandelen…
Mijn Brusselse buurman is in de tachtig en zijn hondje is in hondenjaren nog ouder. Dat wil zeggen, wás ouder, want het is onlangs overleden. De Brusselse buurman blijft dezelfde wandeling maken, maar nu zonder hondje. Best zielig.
Kerst nadert en daarmee ook de dwingende gedachte Nodig Eens Een Eenzame Uit. Wie ook nadert is de jonge vrouw met het hondje. Ze knikt, ik knik. Ze is een eenzaat, maar ik zie er geen eenzame mens in. Eenzaat, eenzaam, da’s niet ’t zelfde. De rollatorman is dat misschien wel, eenzaam, maar ik weet dat hij een echtgenote heeft waaraan hij met zijn rollator probeert te ontsnappen. De dikke man, ja, dat is een eenzame eenzaat en de Brusselse buurman is dat ook, zo zonder zijn hondje.
Nodig Eens Een Eenzame Uit. Ik zou die twee kunnen uitnodigen. Ik zou een kalkoen kunnen kopen en een boomstronk in crème au beurre, dat zou die dikke wel lusten. Ik zou mijn venster kunnen versieren met lampions en aan de gevel zou ik zo’n kerstman kunnen hangen. Ik zou een kerstboom in huis kunnen halen. Ik zou er dan ook cadeautjes onder kunnen leggen, eentje voor de Brusselaar en eentje voor de dikke man, ik zou dit en ik zou dat… maar ik ga dat allemaal niet doen.
Heb ik overigens al gezegd dat veel van mijn kerstverhalen eigenlijk antikerstverhalen zijn?

Flor Vandekerckhove
Een reactie plaatsen