zondag 10 april 2016

De politiek van de vliegende schotels

— We waren klein, maar we hadden grote plakkaten. —
In de nasleep van mei 68 vervoegde ik de Revolutionaire Arbeidersliga (RAL/ nu SAP), een partijtje dat zich op het trotskisme beroept. Ik begreep niet zoveel van politiek — nog altijd niet trouwens — maar ik voelde me wel meteen thuis tussen die dwarsliggers, outsiders en opstandelingen die er deel van uitmaakten. De RAL werd mijn politieke thuis en haar opvolger, de SAP, is dat vandaag nog steeds.
De RAL maakte deel uit van wat toen gemeenzaam klein links genoemd werd en waartoe ook Alle Macht aan de Arbeiders (AMADA) en de communistische partij (KPB) behoorden. Van al dat kleine links was de RAL veruit het allerkleinste.
Ook daarom probeerden we de andere ertoe te bewegen met ons samen te werken. Die wisten wel beter, want wij waren niet alleen erg klein, we waren ook zeer doortastend. Samenwerking was voor hen geen optie.
Maar we versaagden niet. We grepen elke gelegenheid aan om de andere te verplichten met ons te spreken. Zo’n gelegenheid was het feest van de Rode Vaan – Drapeau Rouge dat jaarlijks door de KPB in Brussel georganiseerd werd.
Ik trok erheen en zag lange rijen standjes, waarachter allerhande lieden hun ding propageerden. Zo’n verkoopstandje had mijn RAL daar uiteraard niet gekregen, maar ik ontwaarde boven een boekenstand wel een vlag waarin ik het embleem van mijn partijtje herkende. Zo vernam ik dat er nog andere groepjes waren die zichzelf, net als wij, trotskistisch noemden, maar die evenmin met ons wensten samen te werken.
In dat laatste geval was dat maar goed ook, want degenen die daar onbeschaamd onze vlag lieten wapperen waren de volgelingen van Juan Posadas (1912-1981), een Argentijnse trotskist, met een toch wel zeer merkwaardig gedachtegoed. Dat er een atoomoorlog stond aan te komen, vond hij een redelijk aanvaardbare gedachte, omdat die zowel met het stalinisme als met het kapitalisme tabula rasa zou maken, waarna het enige ware socialisme als een feniks enzovoort.
Aan die stand schafte ik me een brochure van deze Posadas aan. Daarin had die mens het over de nakende komst van vliegende schotels. Laat me deze politieke theorie voor u samenvatten. Er zijn miljarden sterrenstelsels met miljarden planeten. De kans is bijgevolg reëel dat er ergens anders ook intelligent leven aanwezig is. Alleen in socialistische omstandigheden kan men interplanetaire reizen organiseren, zegt Posadas. Als die buitenaardse wezens hier voet aan de grond zetten, dan kan het niet anders dan dat die reizigers ware socialisten zijn die ons gaan leren hoe we het alhier moeten aanpakken.
Meteen begreep ik waarom die lieden vanwege de KPB een verkoopstand gekregen hadden. Een betere manier om de trotskisten belachelijk te maken was er niet.
U kunt daar wel tegen inbrengen dat die theorie niet belachelijker is dan deze die verkondigt dat de mensen na hun dood in de hemel terechtkomen, maar in linkse middens is dat uiteraard geen argument. 
Flor Vandekerckhove


Een reactie plaatsen