donderdag 9 augustus 2018

Huis te koop (Het huis 3)


’t Is iets wat ik niet graag doe, want ze is niet erg geïnteresseerd in mijn verhalen, maar toch beslis ik om er mijn vrouw bij te betrekken. ‘Kom’, zeg ik, ‘ik heb een getuige nodig’.
Ze wil me wel vergezellen, zegt ze, maar niet voor ze daar klaar voor is. Tegen die tijd is ’t donker.
Onderweg vertel ik haar over de autopech die ik daar had en ook over die keer dat ik het huis heropzocht. Daarop zegt ze: ‘Je bent weer een verhaal aan ‘t verzinnen hé’.
Ze wordt pas echt geïnteresseerd als ik de auto vlak voor het huis parkeer. Het ziet er anders uit dan de vorige keren, vind ik, en de toegangspoort is dicht. Samen kijken we naar het opvallende bordje For sale dat prominent aan het hek hangt.
‘Je hebt me niet gezegd dat het te koop staat’, zegt mijn vrouw, half vermoedend dat we hier staan omdat ik mijn zinnen op de koop gezet heb. Ze zegt: ‘Wat zouden wij met zo’n groot huis aanvangen?
Voor de rest is daar niets te zien wat op mijn avonturen wijst. Mijn suggestie om over het hek te kruipen wijst ze resoluut af: ‘Kom, we gaan.’
Op de terugweg malen de gedachten me door het hoofd. Is dat niet vreemd, zo’n Engelstalig bordje For sale op een huis in Vlaamse velden, en zonder telefoonnummer waarnaar je kunt bellen?
Nauwelijks honderd meter verder moeten we stoppen om koeien door te laten die van de ene naar de andere wei verplaatst worden. In ‘t pikkedonker! De oude boerin die de dieren begeleidt roept me in ’t licht van mijn koplampen toe: ‘Het leven dient zich aan als een ontzaglijke opeenhoping van spektakels.’
Ik begrijp niet helemaal wat ze zegt en knik haar vriendelijk toe, maar tegelijk slaat de schrik me om het hart. Zeker weten doe ik het niet, maar ik denk dat ik in die boerin de oude vrouw herken die me al twee keer naar de schuur van het huis begeleid heeft. Ik beslis er mijn ongelovige vrouw maar niets over te zeggen.
De tocht naar het huis heeft haar nergens van kunnen overtuigen. ‘Je bent het slachtoffer van je eigen fantasie’, zegt ze. ‘Maar ik begrijp wel hoe ’t komt. ’t Staat goed uitgelegd in het boek dat ik aan ’t lezen ben.’
Ze steekt me De spektakelmaatschappij in handen. Ik sla het boek open en lees het eerste aforisme: ‘Het gehele leven van de samenlevingen waarin de moderne productieverhoudingen heersen, dient zich aan als een ontzaglijke opeenhoping van spektakels…’
Ik krijg het er koud van. ‘Is dat niet exact hetzelfde als wat die oude boerin ons zei?’ vraag ik.
‘Hou toch op,’ antwoordt mijn vrouw, ‘schrijf nu maar gauw dat verhaal, zodat we ervan af zijn.’
Flor Vandekerckhove



Het slothoofdstuk van dit verhaal staat hier.
Een reactie posten