dinsdag 6 januari 2026

Iemand bij ’t zeven(tien)de zetten

Er circuleren ook wel recentere foto’s van het onderwijzerscorps van ’t klein college in Oostende, foto’s waarop ook meester Henri Deroo staat, de mens waarom het me hier te doen is, maar helaas geen enkele van zijn klas in 1961-62 (ik vermoed dat er in dat jaar geen klasfoto gemaakt werd.) Ik kies de foto van 1951 omdat hij ons iets meegeeft van de klerikale tijden waaruit wij, babyboomers, voortspruiten: V.l.n.r. 1ste rij, M. Proot, principaal O. Verbeke, Oscar Maes, directeur J. François, R. Debrock. 2de rij, Henri Dangez, Raymond Houwen, A. Declerck, Henri Declercq, Maurice Ghesquière, Leopold Lambrecht, Gerard Catry, J. Dewulf, H. De Zutter. 3de rij, André Maes, William Vande Keere, W. Sarrazyn, Godfried Deruytter, W. Brackez, G. Defauw, F. Deceuninck. 4de rij, Robert Noyen, A. Rotsaert, Herman Vansteelandt, Michel Verstraete, André Dewilde. 5de rij, Paul Vanhaverbeke, Henri Denoo. (De foto komt uit een FB-bericht).

STEL JE voor. Het jaar is 1961 en je bent twaalf. In Bredene rond je ’t lager onderwijs. Er moet gekozen worden. Onze Marcel ziet een toekomstige slager in je, een zoon die de kiekenwinkel tot beenhouwerij opwaardeert. Arjette twijfelt: ‘Een col wast makkelijker dan een kiel. Mij wordt niets gevraagd, ik ben een kind. De slagersschool in Anderlecht is een optie. Daar wacht me desgevallend ’t internaat en ja, hoeveel zal dat weer niet kosten. En ben ik daar niet iets te jong voor? De kwestie blijft onbeslist.
In september 1961 presenteer ik me in ’t ‘klein college’ van Oostende, bij onderwijzer Henri Denoo. Zijn klas heet ’t zevende, een voorbereidingsjaar op middelbaar ouderwijs. P
rincipaal Carron raadt Arjette die klas voor haar zoon aan, ’om Frans te leren.’ Mijn ouders geeft het extra tijd om de slagerskwestie te beslechten.
Iemand bij ’t zeventiende zetten, zo heb ik het aangevoeld. Ik zat daar omdat ’t college zo’n overgangsklas te vullen had. En ik zat er ook omdat mijn ouders geen raad met me wisten. Heb ik dat altijd zo aangevoeld? Dat denk ik wel. Het frustreerde me dat ik letterlijk in een lagere categorie geplaatst werd, terwijl leeftijdsgenoten naar 't 'groot college' trokken. Nu begrijp ik dat uiteraard wel. We beleefden de trente glorieuses, het Wirtschaftswunder, de wederopbouw. Families als de mijne stuurden voor het eerst hun kinderen naar ‘de grote school.’ Wisten zij veel.
Ik bekijk de lijst van leerlingen die in 1961-’62 dat zevende studiejaar met mij deelden (°). Vergis ik me als ik concludeer dat daar vooral jongens uit eerder onmondige milieus terechtkwamen, kinderen van zogenaamd ‘eenvoudige mensen’ die tegen de ‘suggesties’ van zo’n principaal geen weerwerk konden bieden?
Flor Vandekerckhove

(°) Ik krijg de leerlingenlijst van dat zevende studiejaar van oud-medeleerling Jozef Passchyn die me al menig keer kon helpen bij deze reeks herinneringen. In volgorde van uitmuntendheid: Guido De Ruytter (†), Marc Vermeersch, Lionel Dekeyser, Fernand Calle, Daniël Gunst, Daniël Jonckheere (†), Jozef Passchyn, Jean-Pierre Casier, Patrick Billiet, Eric Hollevoet, Daniël Decorte, Bertrand Dehaemers, Flor Vandekerckhove, Adelin Claeys, Ronny Beyen (†), Freddy Buffel, Albert Declercq, Frans De Cuypere, Bernard Vanneuville, Marc Messiaen, Albert Tas, Pierre Van Rie, André Ollieuz, Jean-Claude Vens, Fernand Devos en Eric Delaere.

'De e-boeken (pdf of epub naar keuze) van De Lachende Visch zijn gratis. U bent in deze immers geen consument, u koopt dit literaire experiment niet, ik heb u immers nodig om het af te maken. De tekstkroes is als een beker waarin ik al mijn creativiteit gooi. Daar mengt mijn imaginatie zich met die van u, lezer, hopend dat er zodoende goud van komt.' (Flor Vandekerckhove)
De tekstkroes is een e-boek, 337 pagina’s, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be en het boek valt vandaag nog in uw e-box.

maandag 5 januari 2026

Mark Manders schrijft (met) objecten

Links: eenbenige uit de middeleeuwen, midden: ‘Selbst mit einem Fremdbein’. Rechts: tattoo op mijn rechterhand. 

BEELDEND KUNSTENAAR Mark Manders (°1968) exposeert nog tot 18 januari zijn Mindstudy in Museum Voorlinden. Weinig kans dat u daar nog op tijd geraakt, maar ik wil er toch iets over kwijt. In de museumshop van Voorlinden kocht mijn dochter een tattoo voor me. Daardoor loop ik nu met een werk van Mark Manders op mijn rechterhand: afbeelding van een skiapode
Waardoor ik de aandrang voel iets over die fabeldieren te zeggen. 
Eenbenig als ze zijn, hoppen ze door ’t leven. Als het daarvoor te warm is, leggen ze zich op de rug, been omhoog, waarbij hun voet als parasol dient. ’t Is geen zicht, maar efficiënt is het wel.
Manders gaat met die eenbenigen aan de haal: ‘Ik heb Skiapode-afbeeldingen gemaakt uit verschillende periodes en regio's. Soms zijn dat er uit de middeleeuwen. De recentste is een schilderij van Maria Lassnig uit 1998, ‘Selbst mit einem Fremdbein’. Laatstgenoemd werk toont voorbeeldig hoe Manders zijn eigen wereld creëert. Maria Lassnig is 2014 gestorven. Het schilderij dateert van 2022 — van na haar dood — en niet van 1998 zoals Manders valselijk claimt. ‘Dat klopt,’ zegt hij in een interview, ‘maar door dat toe te geven, zou alles complexer en onvoorspelbaarder worden.’ Hij heeft gelijk, we moeten het eenbenige hoppen niet moeilijker maken dan het al is.
Ik doe Mark Manders in deze post onrecht aan, skiapodes zijn maar één woord in het universum dat hij creëert als beeldend schrijver: een schrijver die (met) objecten schrijft. Zijn oeuvre is, zegt hij, een ruimtelijk ‘boek’ dat ‘Zelfportret als gebouw’ heet. Wie er meer over wil weten, klikt op zijn site. Misschien scrol je daar naar Text, meer bepaald naar Room with All Existing Words, waar de kunstenaar er zelf meer over zegt. 
Mooie tattoo!
Flor Vandekerckhove
'De e-boeken (pdf of epub naar keuze) van De Lachende Visch zijn gratis. U bent in deze immers geen consument, u koopt dit literaire experiment niet, ik heb u immers nodig om het af te maken. De tekstkroes is als een beker waarin ik al mijn creativiteit gooi. Daar mengt mijn imaginatie zich met die van u, lezer, hopend dat er zodoende goud van komt.' (Flor Vandekerckhove)
De tekstkroes is een e-boek, 337 pagina’s, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be en het boek valt vandaag nog in uw e-box.

zondag 4 januari 2026

Jean Gabin en het liquideren van exotische planten in de duinen

In de duinen: stapels uitgeroeide exotische planten. Inzet: Jean Gabin.

OP WEG naar de Spinoladijk stap ik over ’t duinpad en kijk naar kaalgekapte duinen. Kranen hebben er planten uitgeroeid, letterlijk met tak en wortel. Ferme bergen uitheemse woekerplanten, stronken, rimpelroos, boksdoorn, mahonie en Amerikaanse vogelkers, halve bomen, hele struiken. Al die planten horen daar niet thuis, verneem ik hier. ’t Zijn exoten die ontsnapt zijn, misschien wel uit uw tuin, of via ondergrondse wortelnetwerken, zaden, vogels die de bessen opeten en weer uitschijten of door het dumpen van tuinafval in de natuur. Zo kunnen sommige planten zich spontaan vestigen in duinen waar ze geen natuurlijke vijanden hebben. Ze krijgen dan vrij spel om zich ongelimiteerd in duingebieden uit te breiden. Maar nu niet meer! Op die plek zal, belooft ons Life Dunias, weer duingrasland ontstaan, er zullen weer soorten orchideeën groeien die er eertijds ook waren. Daar komt ook weer plaats voor de rugstreeppad en voor diverse vlindersoorten. 
Aan de digitale cafétoog die Facebook is, uiten mensen daarover uitgesproken meningen, veelal startend met de uitroep ‘Waarmee zijn ze bezig!’ Volgens de enen is al dat werk een maat voor niets, volgens anderen zijn die exoten daar juist welgekomen: ‘Ze houden ’t zand tegen, versterken de duinen’, ik zie er ook een die de liquidatie van exoten doortrekt naar de volgens hem interessante omvolkingstheorie
Zelf ga ik er gemakkelijkheidshalve van uit dat die van Life Dunias weten wat ze doen. Maar in de krant lees ik toch ook een interview met landschapsarchitect Bas Smets die (weliswaar over stadsontwikkeling) zegt: ‘In- en uitheems, de opdeling is achterhaald. Als het klimaat verandert, dan ook de vegetatie. We moeten nadenken over soorten die adaptief zijn. Wat kunnen we nu aanplanten dat over vijftig jaar nog zal leven?’
Intussen bereik ik de Spinoladijk. Ik denk aan mijn oude ik die vijftig jaar geleden ook zo’n uitgesproken meningen had. ‘Toen ik vijfentwintig was, wist ik alles’ , en niet alleen over duinen en exoten, ook ‘over de liefde, de rozen, het leven, het geld… Ik had al alles meegemaakt.’  Toen ik vijftig werd had ik ‘gelukkig, net als mijn makkers, nog niet al mijn kruit verschoten: In de zomer van mijn leven, leerde ik nog veel.’ Ja, ik vertaal stukken uit Maintenant je sais, lied waarin Jean Gabin (°1904 - 1976†) met een ferm doorrookte stem in elke levensfase denkt: ‘Ha, nu weet ik het.’ 
Over enkele weken word ik 77, waarmee ik Gabin al ruim overleefd heb. Meer nog dan hij, murmel ik: ‘Je suis encore à ma fenêtre, je regarde, et j' m' interroge…’ En terwijl ik ’t einde nader  — en niet alleen dat van de Spinoladijk — denk ik graag à la Gabin: Maintenant je sais qu’on ne sait jamais.
De e-boeken (pdf of epub naar keuze) van De Lachende Visch zijn gratis. U bent in deze geen consument, u koopt dit literaire experiment niet, ik heb u immers nodig om het af te maken. De tekstkroes is als een beker waarin ik al mijn creativiteit gooi. Daar mengt mijn imaginatie zich met die van u, lezer, hopend dat er zodoende goud van komt. 
De tekstkroes is een e-boek, 337 pagina’s, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be. en het boek valt vandaag nog in uw e-box

zaterdag 3 januari 2026

De schrijver als antiburger

Links de Nederlandse dichter Willem Kloos in 1892. Rechts Willem Kloos in Ede, 1894.
Beide portretten zijn van 
Willem Witsen.


VAN DIT CITAAT zou mijn maat JP Boentges (†) ongetwijfeld genoten hebben. In onze apenjaren was Willem Kloos (°1859 - 1936†) een van onze lievelingsdischters. De andere was Paul Verlaine en die was, niet alleen qua kledij, nóg erger.
‘De twee foto’s die Willem Witsen in 1892 en 1894 maakte van zijn vriend Willem Kloos laten zien hoe Kloos dat schrijverschap visueel heeft uitgedragen. Het haar van de schrijver zit in de war, hij heeft een vlassig snorretje en kijkt je met bloeddoorlopen ogen aan. Het pak dat hij draagt is niet erg netjes — en getuigt eigenlijk alleen maar van het feit dat deze figuur misschien ooit tot de gegoede burgerij behoorde, maar daar nu toch ver van verwijderd is geraakt.
Zo’n schrijver is niet te vinden in een literaire sociëteit, maar heeft als favoriete habitat het café. Aan het gezicht van de dichter kunnen we ook aflezen dat hij zeer fijngevoelig is, iemand die meer voelt dan gewone stervelingen. En dat is ook wat deze vorm van schrijverschap zo belangrijk maakt: de schrijver offert zijn maatschappelijke aanzien op om vanaf de zijlijn diepzinniger dingen te kunnen voelen, denken en zeggen dan gewone burgers. Met de Tachtigers, kortom, wordt de schrijver de kritische buitenstaander die een vrijplaats creëert waar alles gezegd, gedacht en gevoeld mag worden.’ (°)
(°) Sander Bax. Schrijversmythen. Literatuur en schrijverschap tussen 1880 en 2020. 2024. Uitg. Prometheus A’dam. 511 p.

U BENT in deze geen consument, u koopt dit literaire experiment niet, ik heb u immers nodig om het af te maken. De tekstkroes is als een beker waarin ik al mijn creativiteit gooi. Daar mengt mijn imaginatie zich met die van u, lezer, hopend dat er zodoende goud van komt. 

De tekstkroes is een e-boek, 337 pagina’s, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be. en het boek valt vandaag nog in uw e-box.



vrijdag 2 januari 2026

Twee werelden

Flor Vandekerckhove, tiener in 1965, aan de achterdeur van de ouderlijke woning in Bredene. Zijn coupe lijkt ietwat op dat van The Beatles (Daar heeft Jef de coiffeur voor gezorgd.) Rechts: Lucien Declercq, a.k.a. Ballong, leraar Nederlands in het college van Oostende.

IN 1964-65 was ik een tiener die school liep in ’t college van Oostende. Lucien Declercq was daar leraar Nederlands en in 1964-65 gaf hij les aan de Vierde Moderne Humaniora. Wij zeiden Ballong, wat met zijn postuur te maken had. Als een bullebak heerste hij over de pubers, hij werd gevreesd.
Ballong legde een talent in me bloot. Hij quoteerde mijn opstellen erg hoog, 9, 9,5… een enkele keer zelfs met het anders nooit voorkomende 10. Hij zorgde ervoor dat ik voor het eerst gepubliceerd werd. Ook liet hij me deelnemen aan een Europese opstelwedstrijd, onderwerp was iets met ‘verenigd Europa’. Ik won die wedstrijd.
Aan het begin van de vakantie werd de prijs uitgereikt, in Brussel. Dat lag moeilijk, in de kiekenwinkel van het toeristische Bredene was ’t in de zomer erg druk. Onze Marcel begreep wel dat er aan Brussel niet te ontsnappen viel, toch niet door mij. Dat de winkel daarom die ene dag gesloten zou worden, was dan weer onbespreekbaar. Hij kon me bijgevolg niet vergezellen en Arjette kon dat evenmin. Alleen naar Brussel? Ik was al blij als ik in Oostende 
de weg vond. 
Doordat principaal Arsène Carron (†1986) de prijsuitreiking niet wilde missen - de school  deelde in de eer - was er een oplossing, ik kon de directeur vergezellen. Daardoor komt het dat ik me op die dag in juli 1965 op de lege speelplaats van het college bevond, een hoog ommuurde plek waarop wel honderd vensters neerkeken. Daar wachtte ik in mijn zondagse kleren lange tijd op de directeur. Op den duur trok ik mijn stoute schoenen aan en ging vragen waar hij bleef. De econoom deelde me geschrokken mee dat Carron allang vertrokken was, helaas via de voordeur. Ik naar huis, waar ik weer aan ’t werk gezet werd.
In ’t college zorgde het voor enige ophef en ’s avonds stond Ballong in de kiekenwinkel. Ten aanzien van mijn ouders veront-schuldigde hij zich uitgebreid voor het misverstand. Onze Marcel en Arjette vonden het allemaal niet zo erg en aan mij werd niets gevraagd. Niet zonder trots keek ik toe hoe mijn ongeschoolde vader, Onze Marcel, en de alwetende Ballong het, onder het drinken van een frisse pils, over alles met elkaar eens waren, twee rechtse kadullen ondereen.
Ik had met dat opstel een meerdaagse reis naar Straatsburg gewonnen, met geleid bezoek aan de Europese instellingen. In de praktijk kwam daar niets van terecht, uiteraard niet, het kwam zelfs niet ter sprake. Het gezin was ongeschikt voor de andere wereld die zich plotsklaps opende. Onze Marcel wist er zich geen raad mee, Arjette evenmin en ik ook niet.
Flor Vandekerckhove

U BENT in deze geen consument, u koopt dit literaire experiment niet, ik heb u immers nodig om het af te maken. De tekstkroes is als een beker waarin ik al mijn creativiteit gooi. Daar mengt mijn imaginatie zich met die van u, lezer, hopend dat er zodoende goud van komt. 
De tekstkroes is een e-boek, 337 pagina’s, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be. en het boek valt vandaag nog in uw e-box.

donderdag 1 januari 2026

Een nieuw jaar, een nieuw boek

U BENT in deze geen consument, u koopt dit literaire experiment niet, ik heb u nodig om het af te maken. De tekstkroes is als een beker waarin ik al mijn creativiteit gooi. Daar mengt mijn imaginatie zich met die van u, lezer, hopend dat er zodoende goud van komt. 
De tekstkroes is een e-boek, 337 pagina’s, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het e-boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be. en het boek valt vandaag nog in uw e-box. (Flor Vandekerckhove)


woensdag 31 december 2025

Samen zijn we artificiële intelligentie de baas: De tekstkroes

Morgen beschikbaar, het eerste boek van 2026. De tekstkroes, 337 pagina's literaire tekst. Vraag er nu om!


DE WEBLOG is een prachtuitvinding. Ik zei het eerder al: het is een regelmatig bijgewerkte website, een plek die tot een vloeiend schrijfproces uitnodigt, startend van een tekst die voorlopig is, evolueert, naar elders wijst (de link); met een drager die het verhaal niet versteent, zoals een papieren blad dat uiteraard wel doet. De blog is een drager die de capaciteit heeft om een nieuw literair genre te maken/worden. Wie blogt begeeft zich op het terrein van de experimentele literatuur. 
Voor mij is De Laatste Vuurtorenwachter de digitale werkplaats waarin dat gebeurt, waarin ik de dingen meng: publiek dagboek en verhaal; essay en kladwerk; eenmanskrant en poëzie… Alles in de kroes, hopend dat een lezer er zijn eigen imaginatie aan toevoegt en er… literair goud van komt.
Blogger, de website die ik daarvoor gebruik, is een gratis service van Google, waardoor een armoelijder als ik zijn literaire ambacht kan uitoefenen. Da’s uiteraard geen altruïsme van Google. Het bedrijf legt beslag op De Laatste Vuurtorenwachter als materiaal voor eigen commerciële doeleinden. Via processen die ik niet eens begrijp, slaagt Google erin daar paté van te draaien. 
Google kan ook, 
als dat gerief het bedrijf niet langer van nut is, beslissen Blogger te liquideren. In dat geval wordt mijn literaire oeuvre uitgewist. Om dat te voorkomen publiceer ik regelmatig e-boekjes waarin aparte blogposts gebundeld worden: gedichten, prozagedichten, handpalmverhalen, driezinnenverhalen, mini-essays… Ik deponeer die e-boeken in de Nationale Bibliotheek, wat garandeert dat ze ook los van Google blijven bestaan. 
Daarom ook publiceer ik morgen — 1 januari — De tekstkroes, boek dat alle blogposts van 2025 verzamelt, 337 bladzijden. De tekstkroes is geen roman, ’t is geen dit en ’t is geen dat. ’t Is een mengkroes waarin ik al mijn literaire creativiteit gooi. U bent in deze geen consument, daardoor koopt u mijn literaire experimenten niet, u werkt er als lezer aan mee. Met andere woorden: ik heb u nodig om het af te maken. In De tekstkroes vermengt mijn imaginatie zich met de uwe, lezer, hopend dat er goud van komt. Want ook dit denk ik: samen zijn we AI de baas.
Flor Vandekerckhove

Morgen !!! Een nieuw jaar, een nieuw boek! De tekstkroes getuigt van een literaire praktijk in het tijdperk van digitale teksten en artificiële intelligentie. ’In de tekstkroes gooi ik al mijn creativiteit. Daar vermengt mijn imaginatie zich met de uwe, lezer, hopend dat er goud van komt.’
De tekstkroes is een e-boek, uitgegeven door De Lachende Visch. De distributie gebeurt buiten de markt, via De Weggeefwinkel. Het boek is gratis voor wie erom vraagt. Vermeld ‘Tekstkroes’ en zeg of u pdf dan wel epub verkiest. Doe het via liefkemores@telenet.be. en het boek valt meteen in uw e-box.

dinsdag 30 december 2025

Mijn top-tien aller tijden

Alsof er rond deze tijd nog geen lijstjes genoeg zijn.

MIJN SCHRIJVERIJ negeert de boekenmarkt, aan auteurslezingen doe ik evenmin. Wat ik schrijf is vrij te lezen op 't internet. Ik doe ook aan YouTube waar je 481 video's van me kunt aanklikken. Sommige van die YouTube-filmpjes zijn als auteurslezingen waar nauwelijks iemand naar afzakt. Er zijn ook succesnummers. Vijf jaar geleden maakte ik er een Dichterlijke hitparade van, een top-tien. Vandaag doe ik het nog eens: startend op nummer tien, tot de absolute top die tienduizenden keren werd aangeklikt. (Flor Vandekerckhove)

10. De boerin uit West-Vlaanderen en de kersentijd verhaalt het avontuur van een West-Vlaamse die naar Cuba uitwijkt en daar met haar boerenverstand het heft in handen neemt.Gezakt van 4 naar 10, maar toch nog in de top.  (623) 

9. Nieuw in de top-10 is Zeemansverlangen. (632) De pianomuziek op de achtergrond wordt gevormd door willekeurig aangeslagen toetsen op de piano. De GIF’s zijn van Bill Domonkos. 


8. Vijf jaar geleden nog op 1, nu gezakt naar 8: Karel, de stichter van Bredene-Duinen (697) In dat poëtische verhaal laat ik me inspireren door een bekend standbeeld in de wijk waar ik woon. Kijk maar, er staat niet wat er staat: It's poetry stupid! 

7. Geklommen van 10 naar 7. Ensor en zijn bende in Oostende 818. Het poëtische verhaal bezingt de Oostendse kunstscene, verzameld rond het graf van grootmeester James Ensor. De foto’s van een vernissage waarop Avondgenoegen present tekende, werden gemaakt door wijlen Eric Stuckmann. 

6. Eén plaats gestegen, van 7 naar 6: Rode mustangs en mannen met een zwarte moustache. (830) Paul van Vliet zingt over meisjes van dertien: ‘te groot voor de poppen, te klein voor de kerels’. Vooruit, zei ik tegen mezelf, laat me daar eens een jongensversie van maken. 

5. Gestegen van 8 naar 5: Elk z’n goeienavond (914). beantwoordt Arno’s supermooie song Oostende bonsoir. De beelden selecteerde ik uit advertenties die het gebruik van alcohol promoten. Erg toepasselijk. 


4. Stond vijf jaar geleden nog op 3 en is een plaatsje gezakt: De plechtigheid (953) maakt u deelgenoot van een confrontatie tussen jonge vissers en marinesoldaten. Plaats van de handeling: Oostende. Periode: midden vorige eeuw. 

3. Voor het eerst in de top-10. (1700) Een driezinnenverhaal gebaseerd op mijn ervaringen als scheepshersteller, met name het openingsverhaal van mijn veelgelezen experimentele boekje 2honderd 3zinnenverhalen & 1liners

2. Ook voor het eerst in de top 10. Mijn vriendin Delphine Lecompte (1800), een ode aan Vlaanderens grootste dichteres. 



1. De absolute top is Tepelklem. 35222 views. Laat de erotiek ervan een genoegen zijn, voor haar, voor hem. 

maandag 29 december 2025

Oud worden voor beginners (7)

’t Is een reeks die ik een beetje uit het oog verloren was, ‘Oud worden voor beginners (6)’ dateert al van 22 juli. In 'Oud worden voor beginners (5)’ vertelde ik over het liefdesverhaal van A.L. Snijders en Ineke Swanevelt, een jonge liefde op hoge leeftijd. Ineke Swanevelt reageerde inmiddels uitgebreid op die post, je moet eens kijken: klik hier. Het opengesperde oog van de veelzijdige Alejandro Jodorowsky (foto) herinnert me er nu aan dat ik de reeks met zijn gedicht moet verderzetten. (Flor Vandekerckhove)


En zoals steeds: ik ben geen professionele vertaler, verre van. En er is altijd meer dan één manier om een gedicht te vertalen. Wie suggesties heeft om de vertaling te verbeteren, mag me die altijd laten weten. Mail naar liefkemores@telenet.be.

zondag 28 december 2025

Ik wil u iemand voorstellen

Christine Pire en Edwin Wets in Femme Fatale Revisited. Inzet: de cartoon die deze post op gang trok. 


EEN TERUGGETROKKEN leven heeft voordelen die ik enthousiast omarm, er zijn ook ferme nadelen. De afstand tot de wereld groeit en op den duur weet je niet meer wat zich daar afspeelt. Zoals ook nu weer. Christine Pire stuurt me een cartoon, een kerstkaartje, ingekleurde tekening, waarop ik haar meteen herken en ook Edwin Wets, haar tegenspeler in Femme Fatale Revisited (FFR). 
‘Wie heeft die cartoon gemaakt?’ vraag ik Christine. 
‘Edwin Wets natuurlijk,’ antwoordt ze.
‘Zo,’ zeg ik, ’is die Wets een cartoonist?’
‘Bwaah neen,’ zegt Christine, ‘ik zou eerder zeggen, een rocker.’
Waardoor ik me realiseer dat ik waarlijk niets over die mens afweet, iemand die een hoofdrol speelt in een stuk dat ik geschreven heb, mijn beste toneelwerk ooit trouwens. 
‘Heb jij die cartoon gemaakt?’ vraag ik Wets. 
‘Neen,’ zegt hij, ‘dat heeft ChatGPT gedaan.’
‘Ben je een rocker?’ vraag ik.
‘Rocker? Ik ben zanger bij rockband Moby Dickhead die vorig jaar heropgestart werd.’  Al wat Edwin Wets zegt is nieuw voor mij: ‘Ik speelde voor het eerst toneel in 1990. De rol van nar in FFR was voor mij de meest voldoening gevende ooit. Zang, beweging, emotie, humor en een stevige portie gekheid… Het kwam allemaal samen. Christine is een echte kracht op en naast het podium, door met haar te spelen werd ik beter. De tekst zat ook sterk in elkaar.’
‘Ja’, zeg ik, gespeend van nederigheid,
 ‘dat laatste is zeker waar.’
Weer naar Christine. ‘Dat is nogal een kerel zeg, die Edwin Wets.’
‘Ge hebt geen idee,’ antwoordt ze, ‘Hij is een getalenteerd zanger/acteur. Hij was niet vertrouwd met het Franse chanson, maar vond meteen de tweede stem in onze samenzang in FFR. Hij was trouwens erg ontroerd toen we de laatste keer FFR brachten. Volgend jaar in mei spelen we weer samen in een regie van Rik Vanovenberghe: Het Bezoek van de Dame, van Friederich Dürrenmatt.’ 
Moe van zoveel digitaal sociaal contact trek ik me terug in mijn vuurtoren, blij dat ik weer een steentje verlegd heb in de rivier van mijn nauwelijks gelezen oeuvre. (Ik voel dat ik nog iets aan die slotzin moet doen.)
Flor Vandekerckhove

Femme Fatale Revisited werd in cultuurcentrum De Grote Post opgevoerd (29, 30, 31 mei, 1 juni) met Christine Pire als gepassioneerde femme fatale, Edwin Wets als dolgedraaide nar en Ron Vanderstraeten als reporter ter plaatse. Jean-Marie Missiaen was machinist. Er was ook een bus vol schone vrouwen. Regie: Christine Pire.
De theatertekst Femme fatale revisited werd uitgegeven door De Lachende Visch, als creative commonsDie tekst mag voor niet-commerciële doelen vrij gebruikt worden als de naam van de auteur vernoemd wordt. Het e-boekje (56 pp, pdf) is gratis beschikbaar voor wie erom vraagt. Wie het per kerende in de mailbox wil vinden, mailt sofort naar liefkemores@telenet.be.