donderdag 4 april 2019

99 verhalen over God

IK BEN EEN asociale socialist, een teruggetrokken revolutionair, een schrijver zonder publiek, een passieve activist, een alleenwonende vrijer, een antiklerikaal die van Bachs kerkmuziek houdt, een atheïst die graag Johannes van het Kruis leest. Er bestaat géén god, maar ik hou van de verhalen over God, die Joy Williams schreef. (°) Ze staan op de plank van boeken die ik lees, lees en herlees: Isaak Babel, A.L. Snijders, en nu ook de 99 van Joy Williams, waarvan ik er u eentje meegeef.
‘Een dierenarts die dol was op katten en ze vaak behandelde ten koste van zijn andere patiënten, waarvan er sommige inderdaad doodgingen doordat ze niet onmiddellijk werden behandeld terwijl hij zich om de katten bekommerde, stierf bij een eenzijdig auto-ongeval toen hij rond vespertijd onderweg naar huis was en plotseling voor een kat uitweek en tegen een boom knalde.
Het was onduidelijk waarom de kat midden op de weg zat.’
Is het beest een vermomming van de aartsengel Samael, verkondiger van de dood? Zegt ze dat de kat God zelve is?  Ik kan er geen touw aan vastknopen, maar ze inspireert me wel, bijvoorbeeld in deze drabble:
Frodo de kat — ‘Een vriendin van me had een kat die Frodo heette. Op een dag ging Frodo ervandoor. Zij riep hem na, maar hij was henen. Dagen werden weken, weken maanden. Op een dag liep ik tijdens de vespers over ‘t duinpad en zag Frodo zitten op het duin. Ik riep zijn naam en de kat spurtte naar me toe. Ik bracht hem naar de vriendin die hem voedde en liefkoosde, waarna Frodo uitgebreid ging slapen. Gevoed en uitgerust strekte hij zich uit en ging weer henen. Voor Joy Williams was het ongetwijfeld duidelijk waarom ik juist op het vesperuur ging joggen.’

(°) Joy Williams. 99 verhalen over God. Uit het Engels vertaald door Marianne Gaasbeek. Uitg. 2017. De Geus. 17,99 €.

Geen opmerkingen: