zaterdag 2 juli 2016

Op het nippertje

— Muziekvrienden. Links Michail Toechatsjevski,
rechts 
Dmitri 
Sjostakovitsj. —
De Sovjet-Unie in 1937. De terreur heerst. Stalin ziet ook in maarschalk Michail Toechatsjevski een potentiële rivaal. Hij heeft een manier gevonden om ook die mens te liquideren, een militair wiens strategische capaciteiten in 1919 door Leon Trotski ontdekt werden. Stalin heeft bewijzen laten fabriceren waaruit blijkt dat die Toechatsjevski deel uitmaakt van de niet bestaande Trotskistische Militaire Anti-Sovjet Organisatie.
In mei 1937 wordt de militair aangehouden. Op 11 juni 1937 veroordeelt een tribunaal hem en zijn vermeende trawanten tot de doodstraf. Ze worden nog dezelfde nacht geëxecuteerd. Alle familieleden, vrienden en kennissen van Toechatsjevski verkeren vanaf dat moment in levensgevaar.
Toechatsjevski was niet alleen een groot militaire strateeg, hij was ook een knap violist. Hij was bevriend met de componist Dmitri Sjostakovitsj, waarover ik hier eerder al een stukje schreef. Soms kwamen die twee samen om muziek te spelen.
Kort nadat Toechatsjevski gearresteerd werd, ontving ook Sjostakovitsj een uitnodiging om zich in de kantoren van de Staatsveiligheid aan te bieden.
Daar komt de componist tegenover een ondervrager te zitten die Zakovski heet. Die vraagt hem of hij Toechatsjevski kent. (Jawel.) Of hij soms bij hem over de vloer komt? (Jawel.) Wie daar dan nog aanwezig is? (Familie.) Waarover ze met elkaar spreken? (Muziek.) Niet over politiek? (Neen.)
Waarop die Zakovski de volgende niet mis te verstane woorden uitspreekt: ‘Ik denk dat je eens diep in je geheugen moet graven. Het kan niet zijn dat je bij hem thuis was en dat jullie niet over politiek spraken. Bijvoorbeeld over het complot om kameraad Stalin te vermoorden. Wat heb je daarover gehoord?’
Sjostakovitsj krijgt enkele dagen de tijd om over een antwoord na te denken. De musicus moet zich na het weekend weer in het kantoor van Zakovski aanbieden.
Dat ziet er helemaal niet goed uit. Sjostakovitsj neemt afscheid van zijn dierbaren, verbrandt papieren die derden mogelijkerwijze kunnen belasteren en laat een koffer met reisgoed klaarmaken.
Op maandag biedt hij zich, met koffer en al, weer aan in het gebouw van de Staatsveiligheid. Daar moet hij zijn beurt afwachten.
Hij wacht en wacht en wacht. Na vele uren trekt hij zijn stoute schoenen aan en vraagt de bewaker wanneer hij aan de beurt komt. Die bewaker overloopt de namenlijst, maar Sjostakovitsj is daar niet op weer te vinden.
‘Bij wie moet je zijn?’ vraagt de bewaker.
Sjostakovitsj laat de naam van zijn ondervrager vallen, Zakovski. De bewaker begrijpt meteen wat het probleem is. Tijdens het weekend is die Zakovski… zelf gearresteerd en veroordeeld. De afspraak met Sjostakovitsj is geschrapt.
Dmitri Sjostakovitsj verlaat het gebouw als een vrij man. Hij overleeft de terreur. Een mens moet een beetje geluk hebben in ’t leven.
Flor Vandekerckhove
Een reactie plaatsen