donderdag 3 juli 2014

Opa Frans en La Pasionaria

Dolores Ibárruri (1895-1989)
Een diploma ondertekend door de Spaanse Dolores Ibárruri, aka La Pasionaria! Je zult niet veel Vlamingen vinden die zo’n diploma op zak gestoken hebben, maar de Gentenaar Frans Torrekens (†1963) is zo iemand. We mogen hem daardoor een Bienhechor de la España Republicana noemen, een weldoener van de Spaanse republiek. Het document dateert van 1939. Frans Torrekens is in die tijd een communistisch activist en daardoor betrokken bij de campagnes die ook vanuit België georganiseerd worden om de Spaanse republiek te steunen tegen de opstandige generaal Franco. Welke concrete steun Torrekens verleent en hoe hij dat doet weten we echter niet.
Je weet hoe ’t met zo’n documenten gaat. Ze komen uiteindelijk in de schuif terecht. Naarmate de jaren vergaan en de rechtstreeks betrokkenen schaarser worden, wordt zo’n diploma een curiosum dat in ’t beste geval de verbeelding van een onwetend nageslacht prikkelt. Dat blijft duren tot zo’n telg uit dat nageslacht er zijn tanden in zet en de zaken probeert uit te klaren. Dat is wat een kleinzoon van deze Frans ook gedaan heeft. Die kleinzoon heet Eric Torrekens en is jurist.
Nu wil het toeval dat ik een Rik Torrekens gekend heb, een advocaat die, zo ging het door mijn hoofd, misschien officieel wel Eric heet. En ja, die Rik heeft een praktijk in Gent, de stad waar ook grootvader Frans gewoond heeft. Rik, Eric, gaat het om dezelfde Torrekens? Neen, want ik lees dat Eric in 1960 geboren is, en de Rik die ik gekend heb is ouder.
Tegen de tijd dat ik daar klaar in zag, had ik ook al het artikel (*) gelezen waarin Eric Torrekens ons over zijn zoektocht naar het Spaanse engagement van zijn grootvader vertelt. Het voert hem naar verschillende archieven, historici en nabestaanden die Eric nauwelijks vooruit kunnen helpen. Wat niet is kan uiteraard nog komen, maar voorlopig blijft het nageslacht van Frans in onwetendheid verkeren betreffende ’s mans Spaanse verdiensten.
Het komt wel meer voor: tegen de tijd dat een mens zich voor het familieverleden begint te interesseren rest er niemand meer om hem/haar daarin de weg te wijzen. Dat heb ik persoonlijk ondervonden, dat hebben duizenden anderen ondervonden en dat ondervindt nu ook Eric Torrekens.
Daar zouden toch, zo denk ik dan, lessen uit getrokken moeten worden. Zo’n les wordt ons geleerd door de Britse filmproducent Tony Garnett (**): ‘Nu kan zelfs een kind aan een tweedehands camera geraken en ermee filmen. Je kunt de film uitbrengen op een laptop en het op een server smijten waar miljoenen mensen hem kunnen zien… Mocht ik nu twintig zijn dan zou ik uitsluitend met het internet werken. (…) En verhalen vertellen helpt om het debat over die waarheid te voeren. Daarom zouden arbeiders hun verhaal moeten vertellen. Ik zou een oproep aan de jongeren willen doen om hun eigen politieke films te maken; neem interviews af, vooral met oudere kameraden, en durf ze te tonen op het scherm. Films maken is voor iedereen.’
Ja, want binnen afzienbare tijd staat er ongetwijfeld weer een jonge man op die zich — veel te laat — begint af te vragen wat zijn grootmoeder destijds gaan doen is in het Nicaragua van de Sandinisten. Hetzelfde geldt wellicht voor de toekomstige kleindochter van de thans nog jonge Bontick. Dat kind zal daar staan kijken naar een diploma van het kalifaat en zich afvragen wat opa Jejoen daar in Sirië eigenlijk is gaan uitgevreten.
Flor Vandekerckhove

(*) Eric Torrekens, Bienhechor de la España Republicana. Zoektocht naar mijn communistische grootvader in Brood & Rozen, Tijdschrift voor de geschiedenis van sociale bewegingen. 2014/2. Meer info op www.broodenrozen@amsab.be.
(**) Over Tony Garnett schreef ik eerder al een stukje in deze blog: http://florsnieuweblog.blogspot.be/2013/12/tony-garnett-waardig-ouder-worden.html



Een reactie posten